Volver Indice Terug Index Comunicados Persberichten Actividades Akties Documentos Documenten Audio Fotos Enlaces Links Libro de Comentarios Gastenboek Buscar Zoeken-Search Steun de campagne van
de Comité tegen Straffeloosheid in Chile ! |
Index BASTA Nieuwsbrief
‘Mosterd na de maaltijd!’ Dat zou je
bijna zeggen bij de ontvangst van dit proefnummer van de Daarvoor zijn twee belangrijke redenen. De eerste is dat er met de opening van een gerechtelijk proces tegen Pinochet nog bij lange na geen einde is gekomen aan de straffeloosheid in Chili. De auto-amnestie die de militaren zich in 1978 bij wet verleenden voor hun misdaden in de eerste vijf jaar van de dictatuur én de grondwet van 1980, waarmee zij zichzelf in feite boven de democratische rechtsorde plaatsten, maken dat veel schendingen van de mensenrechten onopgehelderd en ongestraft dreigen te blijven. Beide maatregelen vormen een permanente bedreiging van Chili’s prille democratie. Voorwaarde voor een volwaardige democratie is immers dat de overeengekomen rechtsorde voor iedereen geldt en dat niemand zich kan beroepen op buitenwettelijke bevoegdheden om in diezelfde rechtsorde in te kunnen grijpen. Straffeloosheid nú is echter een vrijbrief voor een dergelijk ingrijpen morgen. Het Comité tegen de Straffeloosheid in Chili blijft zich derhalve in navolging van mensenrechtenorganisaties in Chili zelf inzetten voor berechting van de schendingen van de mensenrechten onder de dictatuur als basisvoorwaarde voor het volledige herstel van de democratie in Chili. Een tweede, meer praktische argument om met een nieuwsbrief te komen is dat politiek en media in Nederland (en waar ter wereld niet?) meestal leven bij de waan van de dag. Misschien kan dat niet anders, maar gevolg is wel dat minder tot de verbeelding sprekende ontwikkelingen, al helemaal als ze aan het andere eind van de wereld plaatsvinden, niet de aandacht krijgen die ze eigenlijk zouden moeten hebben. Met haar nieuwsbrief wil het Comité tegen de Straffeloosheid in Chili politiek, media en ter zake relevante personen en organisaties geïnformeerd houden over de ontwikkelingen op het gebied van mensenrechten en democratie in Chili. Mocht het op enig moment nodig zijn dan kan betrokkenen, geïnformeerd als ze zijn, gevraagd worden dit proces te steunen. Of nog beter, ze kunnen zelf in actie komen op het moment dat het hen van belang lijkt.
Onschendbaarheid van Pinochet opgeheven Jan de Kievid Op 8 augustus 2000 maakte het Chileense Hooggerechtshof een historisch besluit bekend. Met 14 tegen 6 stemmen had het hoogste rechtscollege besloten om de parlementaire onschendbaarheid van de 84-jarige Augusto Pinochet Ugarte op te heffen. Zoals bekend was deze Pinochet van 1973 tot 1990 dictator van Chili (hij had zichzelf de wat netter klinkende titel van president toegekend), van 1973 tot 1998 commandant van het leger en sindsdien als oud-president - dat had hij zelf in de grondwet geregeld - senator voor het leven. Volgens het hof bestonden er voldoende aanwijzingen dat Pinochet "dader, medeplichtige of toedekker" was 75 moorden in oktober 1973, gepleegd door de ‘Karavaan des doods’ vlak na de staatsgreep van 11 september. Van negentien van deze geëxecuteerden waren de lichamen nooit teruggevonden. Tegen deze uitspraak is geen beroep meer mogelijk. Dat betekent dat de weg vrij is om Pinochet voor zijn misdrijven in Chili te berechten. Dat was jarenlang voor onmogelijk gehouden. Pinochet had immers al in 1978 een amnestiewet afgekondigd voor de misdrijven tussen 1973 en 1978. In die vijf jaren viel tachtig procent van de dodelijke slachtoffers van de dictatuur, waaronder bijna alle vermisten. Daarnaast zou Pinochet kunnen rekenen op bescherming van de rechterlijke macht. Na het - beperkte - herstel van de democratie in 1990 deed een aantal lagere rechters wel moedige pogingen om misdaden van de dictatuur uit te zoeken, maar lag het Hooggerechtshof (nog helemaal door Pinochet benoemd) meestal dwars. Dat hof verklaarde simpelweg de amnestiewet van toepassing. Dit college van oude heren had onder Allende fanatiek de eigendomsrechten van de rijken verdedigd en daarna dankbaar de hielen van Pinochet gelikt en de vervolgden laten stikken. Van hen viel dus weinig te verwachten. Hete adem militairen Pinochet had zich ook persoonlijk ingedekt. Tot 1998 - hij was toen 82 jaar! - behield hij een machtspositie als formeel onafzetbaar - dat stond weer in zijn eigen grondwet - en onaantastbaar opperbevelhebber van het leger. Meteen na zijn aftreden als legerchef in maart 1998 genoot hij als senator voor het leven parlementaire onschendbaarheid. En als dat nog niet genoeg was, kon het leger altijd dreigementen uiten. Politici en rechters zouden de hete adem van de militairen in hun nek voelen en inbinden. In augustus 1989, een half jaar voor het formele einde van de dictatuur, had Pinochet tijdens een militaire plechtigheid duidelijk gemaakt waaraan de nieuw regering zich moest houden om geen problemen met de strijdkrachten te krijgen: de onafzetbaarheid van de militaire commandanten respecteren, de amnestiewet van 1978 handhaven en zich niet bemoeien met de ‘interne’ zaken van de militairen. Bovendien zouden militairen die beschuldigd werden van schendingen van de mensenrechten kunnen rekenen op "de kracht van de strijdkrachten." Twee maanden later riep hij: "Als ze aan één van mijn mannen komen, maak ik een einde aan de rechtsstaat." In de jaren negentig zou Pinochet nog herhaaldelijk met forse uitspraken de regeringen van de Concertación (coalities van christen-democraten en sociaal-democraten) de stuipen op het lijf jagen. Hoewel de coalitie in haar verkiezingsprogramma het afschaffen of ongeldig verklaren van de amnestiewet had opgenomen, nam zij als regering daartoe geen enkel initiatief. Een meerderheid voor afschaffing was er in het parlement ook niet geweest, omdat de rechtse partijen een meerderheid in de senaat hadden. Die meerderheid hadden ze te danken aan - alweer - de bepaling in de grondwet dat Pinochet en de militaire commandanten eenvijfde van de senatoren mochten benoemen. De in 1990 aangetreden christen-democratische president Patricio Aylwin stelde wel een commissie Waarheid en Verzoening in die begin 1991 met een dik rapport over de doden en vermisten kwam. Pinochet reageerde met dreigementen. Ook het Hooggerechtshof liet zich niet onbetuigd. Volgens de hoogste rechters zou het rapport "de stabiliteit van de institutionele orde en de rechtsstaat" in gevaar brengen. Dit rapport en een aanvullend rapport telden 3196 ‘erkende’ slachtoffers van de dictatoriale periode, onder wie 1185 vermisten. De werkelijke cijfers liggen waarschijnlijk nog een stuk hoger. Aarzelende pogingen om militairen te berechten leverden heftige militaire reacties uit. Berechting van legerchef Pinochet leek jarenlang volstrekt uitgesloten. Toch kwam er wat beweging, vooral doordat organisaties als de Groepering van Familieleden van Vermisten en een aantal advocaten onvermoeibaar voortgingen. Toch zijn de resultaten mager. In tien jaar tijds zijn voor slechts 16 van de 3200 moord- en verdwijningszaken de daders - militairen en politiemannen - in hoogste instantie veroordeeld. Dat is maar een half procent! Onder hen is generaal Manuel Contreras, de ex-chef van de beruchte geheime politie DINA. Hij werd in 1995 tot zeven jaar veroordeeld wegens de moord op Orlando Letelier (minister onder Allende) in Washington in 1976. Contreras en andere veroordeelden zitten hun straf wel uit in een speciale, zeer comfortabele gevangenis. Voor die 16 zaken zijn totaal 24 mannen veroordeeld: zeven tot voorwaardelijke hechtenis, zes tot 2-5 jaar gevangenisstraf, vijf tot 6-10 jaar, één tot 15 jaar en vijf tot levenslang. Sinds de arrestatie van Pinochet in Londen op 16 oktober 1998 is er meer vaart gekomen in een aantal processen, ook tegen hoge militairen. Een twintigtal verdachten bevindt zich in voorarrest, waaronder veel betrokkenen bij de ‘Karavaan des Doods’. Onvoltooid misdrijf Aanvankelijk oordeelde het Hooggerechtshof dat de amnestiewet ook onderzoek naar misdrijven tussen 1973 en 1978 uitgesloot. In navolging van het minder conservatieve Hof van Beroep van Santiago ging men na enige tijd over op een nieuwe interpretatie: de zaak mocht wel onderzocht worden, de daders mochten worden vastgesteld, maar daarna moest amnestie worden verleend. Sinds eind jaren negentig gaan Hof van Beroep en Hooggerechtshof een stuk verder. Zolang iemand wordt vermist, is sprake van een niet afgesloten ontvoering. Omdat het misdrijf nog niet voltooid is, valt het niet onder de amnestiewet. Daarmee keert de praktijk van de militairen om tegenstanders te laten verdwijnen zich nu tegen hen. Juist daarom kunnen zij, ondanks de amnestiewet, toch vervolgd worden. Vandaar dat sommige militairen nu wat meer geneigd zijn te onthullen waar vermisten zijn begraven. Als de stoffelijke resten gevonden zijn, is het misdrijf immers voltooid en valt het onder amnestiewet. Tot dusverre zijn echter van slechts 163 van de 1185 ‘erkende’ vermisten de stoffelijke resten gevonden. Dat ook het meestal oerconservatieve Hooggerechtshof tot zo’n revolutionaire interpretatie van de amnestiewet kon komen, komt mede doordat de samenstelling na tien jaar ingrijpend is gewijzigd. De meeste rechters zijn inmiddels niet meer door Pinochet benoemd, maar door de nieuwe regering. Ook hebben de rechters vaak de neiging om zich aan te passen aan de politieke verhoudingen in het land. Dat hadden ze onder Pinochet in extreme mate gedaan, al hadden ze zich onder Allende juist tegen de regering verzet. Op het opheffen van de onschendbaarheid van Pinochet door het Hooggerechtshof heeft de legerleiding nog niet met krachtige uitspraken en dreigementen gereageerd. Ook op dit punt is in tien jaar heel wat veranderd. De huidige legerchef Ricardo Izurieta ging na de uitspraak van het hof wel bij Pinochet op bezoek en er worden indirecte toespelingen gemaakt, maar verder durft men niet meer te gaan. Er worden in het openbaar geen dreigementen geuit door militairen in actieve dienst. Toen Pinochet begin maart 2000 na bijna anderhalf jaar huisarrest uit Engeland terugkwam, hadden de militairen hun oude baas als een held ontvangen. De regering van de een week later aftredende christen-democratische president Eduardo Frei reageerde uiterst zwak en was de regie over de zaak duidelijk kwijt. Frei’s opvolger, de sociaal-democraat Ricardo Lagos, stelt zich echter duidelijker op. Hij riep kort na zijn aantreden de militaire commandanten een paar keer op het matje voor uitspraken die zijn beide christen-democratische voorgangers regelmatig hadden laten passeren. 170 aanklachten Pas acht jaar na het einde van de dictatuur, vlak voor Pinochet’s afteden als legerchef in maart 1998, durfde Gladys Marín, de leidster van de communistische partij, als eerste bij de rechter een aanklacht tegen Pinochet in te dienen. De Groepering van Familieleden van Vermisten en nog een paar organisaties en personen volgden haar. Rechter Juan Guzmán onderzoekt die aanklachten serieus. Toen Pinochet in oktober 1998 werd gearresteerd, waren er elf aanklachten. Pas daarna verdween de angst bij veel mensen. Toen de ex-dictator anderhalf jaar later weer thuis kwam, lagen bij de rechter al 72 aanklachten. Pinochet keerde terug, maar de angst niet. In een half jaar stapten nog honderd personen en organisaties naar de rechter, zodat begin september 2000 al 170 aanklachten zijn ingediend. Mensenrechtenadvocaten hebben de aanklacht waarbij de betrokkenheid van Pinochet het duidelijkst valt aan te tonen, de "Karavaan des Doods" van oktober 1973, aangegrepen om de rechter opheffing van de parlementaire onschendbaarheid te vragen. Met succes. Dat Pinochet nu in Chili berecht kan worden, was echter zonder zijn arrestatie in oktober 1998 in Londen niet gelukt. Het belangrijkste argument voor het internationaal aanpakken van de ex-dictator was juist - en destijds terecht - dat berechting in Chili onmogelijk was. Maar juist door de actie van de Spaanse rechter Garzón die Pinochet in Londen liet oppakken, is wat jarenlang onvoorstelbaar leek toch mogelijk geworden. De zaak heeft in de hele wereld veel aandacht gekregen. De Chileense regering sloofde zich uit om Pinochet terug te halen met een beroep op de - vermeende - nationale soevereiniteit en later op de - vermeende - gezondheidstoestand van de ex-dictator. Daarnaast betoogde de regering dat in Chili de rechterlijke macht onafhankelijk was en dat ook in Chili berechting mogelijk was. Bovendien voelden door Pinochets arrestatie en afwezigheid de militairen zich zwakker, de rechters zich vrijer en de mensenrechtenactivisten zich sterker. Pinochet kwam terug in een veranderd politiek klimaat. Toen moesten regering en rechterlijke macht aan het buitenland laten zien dat Pinochet in Chili berecht kon worden. De huidige minister van binnenlandse zaken José Miguel Insulza volhardt echter in zijn kritiek op de inmenging van Garzón in de Chileense zaken. Hij wil absoluut niet toegeven dat juist die actie van Garzón berechting in Chili mogelijk heeft gemaakt. Hoe verder? Wat gaat er nu verder gebeuren? Rechter Guzmán gaat Pinochet op 9 oktober voor het eerst ondervragen. Hij heeft het verhoor wel gepland na de maand september, die altijd bol staat van nationale en militaire plechtigheden, om de militaire gevoeligheden te ontzien. Of Pinochet uiteindelijk in hoogste instantie veroordeeld zal worden, staat nog te bezien. Zijn advocaten willen dat de hele zaak wordt afgeblazen wegens Pinochets vermeende slechte gezondheid. De generaal en zijn familie voelen daar echter weinig voor. Zij willen juist laten zien dat hij zoveel goeds voor het land heeft gedaan en nu ten onrechte wordt beschuldigd. Het proces kan zich jarenlang voortslepen, en Pinochet wordt in november al 85. De advocaten zullen alles uit de kast halen om de zaak te traineren. Ze zullen eisen dat Pinochet als oud-militair wordt berecht door een militaire rechtbank Zo’n rechtbank is niet onafhankelijk en zeker op de hand van de oud-legerchef. Die procedurezaak moet dan eerst tot het tot hoogste niveau worden uitgevochten voordat een proces over de misdaden zelf kan beginnen. Ook daarbij zijn weer beroepsmogelijkheden. En de militairen zullen ook nog wel eens hun mond open doen. Ook als het niet tot een uiteindelijke veroordeling komt, is de opheffing van Pinochets onschendbaarheid een historisch moment en een flinke stap vooruit in de strijd tegen de straffeloosheid. Het geeft aan dat de oud-dictator die door zijn militairen als een held en door rechts als de ‘redder van het vaderland’ wordt gezien, nu ook in Chili niet meer onaantastbaar is. Pinochet en de militairen zijn in het defensief gedrongen. Ze hebben weliswaar nog nooit excuses aangeboden voor hun misdrijven, maar wel hun arrogante en dreigende toon moeten matigen. Hoewel de in 1980 in een frauduleuze volksstemming doorgedrukte grondwet van Pinochet nog steeds van kracht is, hebben de militairen de afgelopen jaren zeker wat van hun macht verloren. De rechtbanken opereren onafhankelijker dan ze jaren hebben gedaan. Dat geeft hoop dat in nog een aantal - maar lang niet in alle - mensenrechtenzaken veroordelingen zullen volgen. De revolutionaire uitspraak van een conservatief bolwerk als het Hooggerechtshof toont aan dat wat jarenlang onmogelijk werd geacht, toch werkelijkheid kan worden.
|