info noticiashome

Het volgende nummer van LA Chispa
zal eind juni verschijnen

Met daarin onder meer:

REDACTIONEEL

- In de schaduw van de oorlog

ACTUEEL
- Mexico na ruim drie jaar Fox
- Abortus in Mexico
- Cuba pakt oppositie op
- Windenergieprojecten in Mexico
- Ruilhandel Argentinië ten onder
- Slachtoffer van seksuele marteling
- Uruguay erkent vermisten
- Beatrix en het Andere Chili

PORTFOLIO
- Grensgevallen, Fotograaf Piet den Blanken
CULTUREEL
- Timach en inheemse cultuur in Guatemala
- Opvang Peruaanse straatkinderen
- Eduardo Galeano over de oorlog in Irak

- Uitgelezen
- CD-recensie
- Kort Latijns-Amerikaans
- Agenda




 


REDACTIONEEL    

Maja Haanskorf
In de schaduw van de oorlog

In de luwte van de oorlog in Irak spelen zich in Latijns-Amerika smerige zaakjes af. Zo verschijnen er in Colombia nieuwe militaire troepen uit de Verenigde Staten. Officieel ter bestrijding van de drugs, officieus ter bescherming van de eigen belangen, zoals Amerikaanse bedrijven en oliepijpleidingen. Troepen zat, die Amerikanen.

Op Cuba maakt Fidel Castro van de verminderde aandacht voor zijn kant van de wereld gebruik om tientallen mensen gevangen te zetten. Het is de grootste razzia sinds jaren, die blijkbaar bedoeld is om de oppositie op het eiland de nek om te draaien. Amnesty International roept de Cubaanse regering op bekend te maken waaraan de gevangenen zich hebben schuldig gemaakt en op welke wettelijke gronden zij berecht worden. Amnesty vreest dat het in alle gevallen gaat om politieke arrestaties, en om gevangenen die alleen maar gebruik hebben gemaakt van hun grondwettelijke recht op vrije meningsuiting en vergadering. De Cubaanse pers spreekt daarentegen van 'samenzwering en verraad aan het vaderland'.

Zelf was ik nogal geschokt door een bericht op internet van een kopstuk van de Chileense communistische partij. De man reageerde op de secretaris van de Franse communistische partij. Die interpreteerde volgens hem de situatie op Cuba dramatisch fout. Waar de Française haar afschuw uitsprak over het oppakken en gevangenzetten van mensen met een andere mening, verdedigde de Chileen met hand en tand het beleid van de Cubaanse regering. Sterker nog, hij meende dat het in deze barre tijden volstrekt ongepast was om kritiek te uiten op Castro. De Verenigde Staten beschouwen immers na Irak, Syrië, Iran en Noord-Korea ook Cuba als een 'land van het kwaad'. De executie van drie Cubanen die een boot hadden gekaapt om naar de VS te vluchten, vond hij minder geslaagd. Hij was namelijk tegen de doodstraf. Maar, zo argumenteerde hij erop los, deze beslissing viel te begrijpen en zelfs door de vingers te zien, gezien de vreselijke rol die de VS zo in het algemeen speelden. Hij sprak de hoop uit dat de doodstraf snel de wereld uit zou zijn, te beginnen uit de VS en als laatste uit Cuba.

Wat mij wellicht het meest schokte was dat het een Chileen was die dit soort belachelijke en mensonterende uitspraken deed. Juist omdat hij donders goed weet wat een dictatuur aanricht, verwacht ik een dergelijke uitspraak niet. En ik begrijp niets van zijn verwrongen wereldbeeld, waarin Castro een soort Allende wordt en de Cubanen die het recht van vrije meningsuiting opeisen afgeschilderd worden als handlangers van de CIA.

Zo begrijp ik evenmin waarom in Nederland allerlei organisaties, die er altijd als de kippen bij zijn om onrecht waar ter wereld ook aan te klagen, er nu het zwijgen toe doen. Is het nog steeds te lastig om het falen van het reëel bestaande socialisme op Cuba aan de kaak te stellen? Zijn ze net zo gefrustreerd in hun hoop op een mooiere en betere wereld als de Chileense communistenleider?
In één ding hebben Castro en zijn fellow travelers elkaar in ieder geval gevonden: in de schaduw van een oorlog kun je stiekem handelen en stiekem zwijgen.


FOX WORSTELT MET MEXICO EN AMERIKA

Hans Veltmeijer
Latent anti-Amerikanisme bloeit op

De mooie beloften die Vicente Fox bijna drieëneenhalf jaar geleden bij zijn aantreden als president van Mexico formuleerde, heeft hij niet waar kunnen maken. Brandende kwesties als de Mexicaanse migranten in de Verenigde Staten en de sluimerende burgeroorlog in Chiapas staan al een tijdje in de ijskast. En de relatie met de grote noordelijke buur is er niet beter op geworden sinds de bedenkingen van Fox ten aanzien van de Amerikaanse oorlog in Irak. Die opstelling heeft zijn binnenlandse populariteit wel weer goed gedaan, want het latente anti-Amerikanisme in Mexico bloeit weer op.

De Mexicanen zetten hoog in op de kwestie migratie, toen voor het eerst sinds 1929 geen militair of technocraat van de Institutionele Revolutionaire Partij (PRI) de scepter mocht zwaaien over de tweede economie van Latijns-Amerika. Cowboy en zakenman Vicente Fox (60) kon het in vloeiend Amerikaans dan ook prima vinden met de Texaan George Bush. Beiden stonden begin 2001 voor een respectievelijk zes- en vierjarige ambtstermijn.
Aanvankelijk pleitte Fox bij de Amerikanen voor een algehele amnestie voor de drie tot vier miljoen illegale Mexicanen in de Verenigde Staten. "Het zag er toen heel goed uit", zegt Mexico-deskundige Wil Pansters. Als onderzoeker aan de Universiteit van Utrecht doet hij vooral veel politiek-antropologisch onderzoek in Mexico. "Er was veel contact tussen beide landen, mede door het doortastende optreden van de Mexicaanse minister van Economische Zaken, Castañeda."
Maar de aanslagen op het World Trade Center in New York op 11 september 2001 gooiden roet in het eten. "Mexico was toen plotseling voor Amerika geen prioriteit meer, maar met stip gekelderd. En de hele kwestie van de migratie is in de ijskast beland", zegt Pansters. De relatie tussen de machthebbers bekoelde daardoor. Het dieptepunt was toen Fox een bezoek aan het Witte Huis afzegde uit protest tegen de executie van een in de VS veroordeelde Mexicaan. De partijloze eenling Castañeda, die zich zo inzette voor de migratieproblematiek, heeft inmiddels het veld moeten ruimen voor een partijlid van Fox.
Nu het punt van de immigratie in Washington geen prioriteit meer is, zijn de kansen wat dat betreft niet ten gunste gekeerd voor Fox. Meer dan een soort tijdelijke werkvergunning, in plaats van een algehele amnestie, lijkt er niet in te zitten. Daarmee zouden de Republikeinen in de VS hun zin krijgen. Volgens een Latijns-Amerika-columniste van de Washington Post zal Fox nu moeten beslissen of 'iets beter is dan niets, en in eigen land zal hij moeten vechten om er politieke winst uit te slaan.'

Hautain mannetje
Met de aanslagen en de Amerikaanse 'oorlog tegen terreur' kwam een ander heikel punt naar voren. De onvoorwaardelijke steun die president Fox tijdens de oorlog in Afghanistan gaf aan Bush, werd hem in eigen land geenszins in dank afgenomen. Oppositiepartij PRI, die als regeringspartij volgens Pansters niet anders gereageerd zou hebben dan Fox, speelde de kritische kaart. Fox zou slaafs achter de Verenigde Staten aanhollen. "Een latent anti-Amerikanisme kwam op in Mexico. Dat leidt tot politieke spanningen en daar zit je als politiek leider liever niet in", stelt Pansters vast.
Met Mexico als tijdelijk lid van de Veiligheidsraad en de dreigende oorlog tegen Irak verscherpte het probleem zich in het afgelopen half jaar. Mexico leek een resolutie van de Verenigde Staten voor een rechtvaardiging van de oorlog tegen Irak niet te gaan steunen. Toen de Spaanse premier Aznar, voorafgaand aan een bezoek aan George Bush, Mexico aandeed om steun voor de oorlog te verwerven, weigerde Fox zelfs een persconferentie met Aznar te geven. "Het bezoek van het in Mexicaanse ogen hautaine mannetje werd een mislukking", concludeert Pansters. Dat de resolutie uiteindelijk niet in stemming werd gebracht in de Veiligheidsraad, noemt hij een geluk voor Mexico.
Fox heeft intussen weer wat aan populariteit gewonnen door zijn anti-oorlogopstelling. Toch vindt Pansters niet dat die houding louter pragmatisch is. Hij wijst op de buitenlandse politiek van non-interventie die Mexico sinds de jaren vijftig consequent hanteert. "De Mexicanen vinden dat je je gewoon niet met binnenlandse aangelegenheden van andere landen moet bemoeien en dat zeker de Verenigde Staten dat niet moeten doen."
Ook begin april bleek het anti-Amerikanisme nog onverminderd in het land dat in 1847 ongeveer de helft van het grondgebied kwijtraakte aan de Amerikanen. 'Vandaag Irak, morgen Mexico', stond er op een spandoek bij het hek van de Amerikaanse ambassade in Mexico Stad. Pansters bevestigt dat zulke sentimenten leven in Mexico. "Op volksniveau zijn er conspiratietheorieën, ook op televisie." Ruim 80 procent van de bevolking zei de oorlog af te keuren.
Maar veel Mexicanen zijn ook direct betrokken bij de oorlog in Irak. Zo vonden tot begin april vier Mexicaanse Amerikanen de dood in Irak en meldden vele Mexicanen zich bij de Amerikaanse ambassade om dienst te gaan doen in het leger. In de valse hoop op een verblijfsvergunning in het beloofde land. Alleen die immigranten in de VS die al een legale status hebben, komen immers in aanmerking voor toetreding tot het leger.
De Amerikaanse oorlogsdriften hebben enige vooruitgang in de besprekingen met Mexico over legalisatie van Mexicaanse migranten dus behoorlijk geblokkeerd. Maar ook 'Chiapas', een ander thema dat Fox als prioriteit bij zijn aantreden bestempelde, zit muurvast. De vrede leek getekend toen het Zapatistische bevrijdingsleger van de zuidelijke deelstaat in 2001 op uitnodiging van Fox een sensationele tour door Mexico maakte. Maar de nieuwe wet die alle inheemse groepen in Mexico meer ruimte geeft, gaat volgens commandant Marcos en zijn aanhangers qua autonomie niet ver genoeg. De doelstelling van Fox, ontwapening, is daarmee nog lang niet gerealiseerd. "Fox heeft het slim gespeeld om de wet erdoor te drukken, maar het probleem is daarmee niet opgelost", zegt Wil Pansters. Na een tijd van stilzwijgen weersprak rebellenleider Marcos in november vorig jaar geruchten dat zijn beweging, de EZLN, ten dode opgeschreven zou zijn. 'Het enige dat bijna ten einde is voor de Zapatistas, is hun geduld', schreef hij in het tijdschrift Rebellión. Chiapas blijft daarmee een licht ontvlambaar kruidvat.

Verwoeste landbouw
Ook economisch zit het tij al een poos tegen voor de boomlange president. Door de tegenvallende vraag vanuit de economisch kwakkelende Verenigde Staten, kende Mexico de afgelopen twee jaar nauwelijks economische groei. Zo'n 90 procent van de export gaat immers naar de VS. De optimistische voorspelling van 3 procent voor 2003 zal moeten worden bijgesteld, liet de minister van Financiën, Francisco Gil, begin april weten. Hij heeft echter ook nog lichte hoop dat die bijstelling positief kan uitvallen. Dan moet de door de oorlog in Irak zwaar lijdende toeristische sector wel weer aantrekken. En de goede vooruitzichten voor de pluimvee- en varkensindustrie moeten ook gerealiseerd worden.
Maar analisten rekenen niet op een goede wending. De liberaliseringen en privatiseringen van Fox stuiten op steeds meer binnenlandse kritiek. Zo protesteerden eind vorig jaar veertig arbeidersorganisaties tegen privatiseringen van onder meer de energiesector. Nu met ingang van dit jaar alle importtarieven op landbouwproducten zijn afgeschaft, zijn ook de kleine boeren boos op Fox. Deze maatregel is een onderdeel van de NAFTA, het vrijhandelsverdrag tussen de Verenigde Staten, Canada en Mexico. Het heeft vergaande gevolgen voor de campesinos. Met hun kleinschalige maïsproductie kunnen zij niet meer concurreren met de geavanceerde grootschalige landbouw uit de Verenigde Staten. Daarbij betichten veel Mexicanen de Amerikanen van subsidies aan de eigen boeren.
"Maïs is nu de grote kwestie", beaamt Pansters. "Ze zijn vreselijk bezorgd dat de landbouw verwoest wordt door de hypergemoderniseerde maïsproductie uit de Verenigde Staten. Wat moet er dan met die mensen gebeuren?" Daarnaast wijst hij op andere sociale gevolgen. "De Mexicanen worden heel kwetsbaar wanneer hun dagelijks voedsel - en dan vooral maïs - van buiten komt." Intussen is het proces al in volle gang. Net zoals na de ineenstorting van de koffiemarkt zetten vele boerenfamilies koers naar de stad, of naar de Verenigde Staten. In de hoop op een beter leven. Volgens regeringsonderzoeken zijn het er dagelijks zo'n vier- tot zeshonderd.
Onlangs trokken tienduizenden boeren naar Mexico Stad om een noodkreet te uiten. In de Washington Post zei Alberto Gómez, vertegenwoordiger van een organisatie van 180 duizend boeren: 'We willen niet naar de stad komen en we willen niet naar de Verenigde Staten emigreren. Maar de mensen hebben geen geld.' Bijna de helft van de Mexicanen op het platteland moet van minder dan anderhalve dollar per dag leven. Ook Gómez ziet NAFTA als de grote boosdoener, hoewel sommige grotere boeren en fabrieksarbeidsters (maquiladoras) aan de assemblagelijnen van de Amerikaanse multinationals wel garen spinnen bij het vrijhandelsverdrag.

Nationale dialoog
Toch blijkt de president zeker niet ongevoelig te zijn voor de noden van zijn grote schare arme landgenoten. Hij bracht immers zijn jeugd, als welgesteld kind op een ranch, door met de kinderen van de omliggende keuterboeren. 'Daardoor heb ik met eigen ogen één van de kwaden die onnodig ons land heeft geteisterd van dichtbij gezien: armoede', zegt hij over die periode op zijn presidentiële website. In maart dit jaar noemde Fox armoede 'het grootste probleem waar Mexico mee wordt geconfronteerd.' Volgens de regering kan zelfs meer dan de helft van de 100 miljoen Mexicanen niet in hun basisbehoeften voorzien. 'We moeten erkennen dat het verstand van de markt niet genoeg is om het armoedeprobleem op te lossen', sprak Fox tijdens het World Economic Forum in Zwitserland begin dit jaar.
Hij probeert nu door een 'nationale dialoog' met de boze boeren tot verzachtende maatregelen te komen, zoals hij dat ook met de Zapatistas in Chiapas aankondigde. Zo steunt zijn regering microkredietinstellingen om kleine bedragen aan armen te lenen die een eigen bedrijfje willen opzetten. En een nieuw programma om stedelijke armoede te bestrijden wordt dit voorjaar gelanceerd. Onderdeel daarvan is de bouw van duizend centra voor kinderopvang om alleenstaande moeders aan het werk te helpen.
Critici zeggen dat Fox te veel op de steden is gericht, en dat die opstelling door de politiek beïnvloed wordt. Daar behaalt zijn centrumrechtse Nationale Actie Partij (PAN) immers haar stemmen. Op het platteland heerst de PRI en in mindere mate de linkse PRD. Fox staat voor cruciale parlementaire verkiezingen deze zomer. Een grotere achterban in het congres heeft hij hard nodig om veel van zijn plannen te verwezenlijken. Daarnaast vormen volgens Pansters die verkiezingen een belangrijke politieke graadmeter voor de president, die nog een termijn van tweeëneenhalf jaar voor zich heeft.

Beerput
Fox worstelt niet alleen met de kleine boeren en de Verenigde Staten. Ook binnen het congres mist hij vaak de noodzakelijke steun om zijn hervormingen binnen overheidsapparaten en staatsbedrijven door te voeren. Nu de senaat geen ja-knikgroep uit de tijden van de PRI meer is, werkt dit deel van het congres menige hervorming tegen.
Naast flexibilisering van arbeid en liberaliseringen en privatiseringen probeert Fox sinds zijn aanstelling ook corruptie binnen het politieapparaat aan te pakken. Met wisselend succes. Zo wil hij het eenvoudiger maken agenten en militairen die zich aan martelingen en andere misdaden hebben schuldig gemaakt terecht te laten staan. Met de vrijgave van miljoenen pagina's dossiers van onder meer gevangenissen, de geheime dienst en de oprichting van een soort waarheidscommissie hoopte Fox ook daders van politieke terreur uit het verleden alsnog te berechten. "Maar de beerput is niet echt opengetrokken", zegt Wil Pansters. "De politieke verhoudingen laten dat niet toe."
Laatst boekte de president wel een succesje. Voor het eerst in zijn ambtsperiode werd een generaal veroordeeld tot vijftien jaar gevangenisstraf. Ricardo Martínez Pera had zich ingelaten met een berucht drugskartel. De straf, die door een militaire rechter werd opgelegd, is opmerkelijk. Volgens critici zitten de gevangenissen vooral vol met arme kruimeldieven die geen geld hebben voor een lage boete of borgsom, en blijven de grote misdaadjongens gewoonlijk buiten schot. Dit is mede een gevolg van de zware minimumstraffen voor lichte vergrijpen die bovendien door de politie eenvoudig op te lossen zijn. Bij serieuze misdaad ligt corruptie op de loer. Daarbij komt dat rechters maar een beperkte rol vervullen in het Mexicaanse rechtssysteem. De wetgever schrijft vooral de straffen voor en de rechter legt ze op.
In dezelfde periode kwam Amnesty International met een rapport over Mexico. Daarin wijst de mensenrechtenorganisatie erop dat de huidige regering een aantal onterecht veroordeelde gevangenen heeft vrijgelaten, maar dat de wortel van het probleem - een bedorven rechtssysteem - aangepakt dient te worden. Aanklagers en rechters zouden bijvoorbeeld nog immer bewijs tegen verdachten accepteren dat verkregen is met behulp van martelingen. Er bestaat volgens het rapport 'een cultuur van tolerantie voor martelingen waarvan de Mexicaanse maatschappij doordrongen is.'


Baas over eigen lichaam

Carolina Serrano
Abortus in Mexico


In Mexico mag een vrouw die verkracht is abortus plegen. Desondanks besluiten veel Mexicaanse meisjes van dat recht af te zien. De stem van de kerk die dreigt met de hel en excommunicatie boezemt hen meer angst in dan het moederschap op jonge leeftijd. Pro-abortusbewegingen en vrouwenorganisaties besloten een voorlichtingscampagne te beginnen met als motto 'Ik ben de baas over mijn eigen lichaam. Abortus in geval van verkrachting is toegestaan.'

Haar naam is Paulina. Ze is dertien jaar. Haar moeder werkt bijna alle dagen van 's morgens vroeg tot 's avonds laat om ervoor te zorgen dat Paulina naar school kan. Vaak is Paulina dus alleen thuis. Op één van die dagen dringt er een volslagen onbekende man binnen en steelt het huis leeg. Voordat hij weggaat, vergrijpt hij zich aan Paulina, die zwanger achterblijft. Paulina en haar moeder vragen hulp aan de overheid en aan verschillende gezondheidsorganisaties om door middel van abortus een einde te maken aan Paulina's zwangerschap.
Die abortus is nooit uitgevoerd, omdat verschillende mensen inpraatten op de gevoelige geest van Paulina en haar duidelijk maakten wat de gevolgen zouden zijn als ze van het kindje afzag. Onder dreigementen met de hel en excommunicatie wist de kardinaal van Mexico haar ervan te overtuigen dat ze goed moest nadenken over haar besluit. Nu is Paulina vijftien en heeft een zoontje van iets ouder dan een jaar. Misschien zal ze tegelijkertijd het grote feest van haar vijftiende verjaardag en het doopfeest van haar zoontje kunnen vieren.

Desillusie
Mexico heeft zich nooit erg beziggehouden met de wetgeving rond abortus. Zelfs niet toen de cijfers aantoonden dat minstens 17,8 procent van de vrouwen in de vruchtbare leeftijd al eens een abortus had ondergaan. De eerste poging om abortus te legaliseren vond plaats in Chiapas. De toenmalige gouverneur José Patrocinio González wilde een wijziging in het staatswetboek van Strafrecht doorvoeren. Maar ondanks alle steun die dit initiatief kreeg, waren de protestkreten van de kerk en van de verschillende conservatieve groepen beter hoorbaar. Daardoor bleef de wet slechts een nobele poging om vrouwen hun rechten terug te geven.
Daarop begonnen verschillende staten met het invoeren van wetten tégen abortus. Vrouwen die waagden te beslissen over hun lichaam kregen jarenlange gevangenisstraffen of enorme boetes opgelegd. Toen president Fox aantrad en abortus als discussiepunt onder de aandacht wilde brengen, gloorde er weer hoop aan de horizon. Maar die hoop ontaardde in een desillusie. Het resultaat was een bijna vier maanden durend debat op nationaal niveau waarmee weinig bereikt werd. Dat zorgde voor grote opschudding, omdat de partij achter de president een katholieke grondslag had.
Abortus is in Mexico dus niet gelegaliseerd, maar slechts toegestaan in een aantal gevallen. Een vrouw wordt niet strafrechterlijk vervolgd wanneer de abortus bij een ongeluk is opgewekt. Ook mag een vrouw tot abortus besluiten als de zwangerschap haar eigen leven of gezondheid in gevaar brengt, als de foetus genetische afwijkingen vertoont of als de vrouw economische redenen heeft om de zwangerschap te beëindigen. In het laatste geval moet zij wel moeder zijn van drie of meer kinderen. Abortus is ook toegestaan als de zwangerschap het gevolg is van een verkrachting.


Beatrix en het andere Chili

Op 19 maart, de eerste dag van de oorlog tegen Irak, begon het koninklijke bezoek aan Chili. Het Nederlands-Chileens comité Het Andere Chili greep dat bezoek aan om te wijzen op wat er in Chili nog meer aan de hand is.

Door de oorlog gingen veel minder Nederlandse journalisten mee dan aanvankelijk was gepland. Toch hadden die plannen effect. Zo werd de Nederlandse Chileen Juan Heinsohn gebeld door een journalist van NOVA. "Hij zei dat Beatrix, Willem-Alexander en Máxima Chili zouden bezoeken", vertelt Heinsohn. "NOVA wilde een reportage maken om ook een licht te werpen op schaduwzijden van Chili, die tijdens het staatsbezoek minder aan bod zouden komen. Ik heb hem toen een aantal contactadressen in Santiago gegeven."
Van deze NOVA-reportage is niets meer vernomen. Maar Heinsohn kwam op het idee om via een klein boekje Nederlandse journalisten te informeren over dat 'andere' Chili. Hij ging aan de slag met een comité van Nederlandse Chilenen en een paar Nederlanders. Dat resulteerde in Het Andere Chili. Een alternatieve reisgids voor de koningin. Naast de bekende erfenissen van de dictatuur, zoals beperkte democratie, straffeloosheid en grote ongelijkheid, is er aandacht voor milieuvernietiging, de strijd van de Mapuche-indianen voor land, discriminatie van aids-patiënten en homoseksuelen en het Nederlandse bedrijfsleven in Chili. Zo voert Ahold een uitgesproken vakbondsvijandig beleid en vergiftigt Nutreco meren in het zuiden van het land met zalmkwekerijen.
Journalisten meldden dat Beatrix een krans legde bij het monument voor O'Higgins, de held uit de onafhankelijkheidsstrijd, maar niet bij het monument voor de slachtoffers van de dictatuur, zoals het comité had gevraagd.
In Chili werd een tak van het comité opgericht rond Jan Hopman, een Nederlander die zich in Chili al jaren bezig houdt met aids, homoseksualiteit en dienstweigeren. Dat zijn allemaal stevige taboes in de Chileense samenleving. Dit deelcomité zorgde voor ruime verspreiding van het Nederlandstalige boekje en de Spaanse vertaling.


Schijnprocessen op Cuba

Maja Haanskorf
De oppositie gedecimeerd

Ongeveer gelijktijdig met de Amerikaans-Britse inval in Irak begon op 18 maart een golf van arrestaties op Cuba. Tot nu toe zijn, voor zover bekend, 77 mensen opgepakt: onafhankelijke journalisten, leden van verboden mensenrechtenorganisaties, vakbonden en oppositiepartijen. Ook zitten er voorstanders van het project Varela bij, dat als doel heeft een referendum over herstel van democratische rechten onder de Cubaanse bevolking. Alle gevangenen zitten vast zonder officiële aanklacht en van sommige is de verblijfplaats onbekend.

Amnesty International vreest dat het gaat om politieke gevangenen, die zijn vastgezet omdat ze van hun grondwettelijk recht op vrije meningsuiting en vergadering gebruik maakten. Volgens oppositiekringen op Cuba is het de grootste slag die hen in jaren is toegebracht.
Onder de gevangenen zijn bekende personen, zoals de econome Marta Beatríz Roque. Zij werd in 1997 veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie jaar en zes maanden. Héctor Palacios Ruíz is één van de leidende figuren van het project Varela. Voorzitter Oswaldo Payá ontving in december 2002 de Sakharov-prijs van de Europese Unie. Hij is nog niet opgepakt, wellicht door zijn bekendheid in het buitenland. In februari van dit jaar maakte hij een rondreis door tien landen. Hij ontmoette onder andere de paus en de regeringsleiders van Spanje, Mexico en de Tsjechische Republiek. De voorzitter van de onafhankelijke vakbond CUTC, Pedro Pablo Alvarez, behoort ook tot de arrestanten. Zijn vakbond is aangesloten bij CLAT, de Latijns-Amerikaanse federatie van vakbonden (zie LA Chispa 291).
In de Cubaanse pers worden de gevangenen beschuldigd van verraad aan de Cubaanse staat en van samenzwering met de Verenigde Staten. Ze zouden de Cubaanse staatsveiligheid in gevaar brengen. In de Granma, de nationale krant, wordt gesproken van 'actividades conspirativas' en van 'complicidad con el enemigo'. Die vijand is James Carson, hoofd van de Amerikaanse Interest Section in Havana. Hoewel de beide landen geen diplomatieke betrekkingen onderhouden, hebben de VS sinds 1977 een afdeling in de Zwitserse ambassade. Cuba heeft op haar beurt een Interest Section in Washington. Volgens de Cubaanse autoriteiten had Carson herhaaldelijk contact met de arrestanten. Hij zou zowel zijn kantoor als zijn woonhuis ter beschikking hebben gesteld voor samenkomsten van deze 'contrarevolutionairen'. Die zouden door de VS gefinancierd worden.


Eduardo Galeano over de oorlog


Het zal mij benieuwen. Halverwege vorig jaar, toen deze oorlog werd uitgebroed, verklaarde George W. Bush dat 'we gereed moeten zijn om in elke willekeurige donkere uithoek ter wereld aan te vallen.? Irak is dus een donkere uithoek in de wereld. Zou Bush geloven dat de beschaving werd geboren in Texas en dat zijn landgenoten het schrift uitgevonden hebben? Heeft hij nooit gehoord van de bibliotheek van Ninivé, de toren van Babel of de hangende tuinen van Babylon? Heeft hij ooit één van de verhalen van duizend-en-een-nacht van Bagdad gehoord?

Wie heeft hem tot president van de planeet verkozen? Niemand heeft aan mij gevraagd om te stemmen in die verkiezingen. En aan u? Zouden wij een dove president kiezen? Een man die niet in staat is om iets anders te horen dan de echo's van zijn eigen stem? Doof voor de ononderbroken donder van miljoenen en miljoenen stemmen die in de straten van de wereld de vrede verklaren aan de oorlog? Hij is zelfs niet in staat geweest om te luisteren naar het vriendelijke advies van Günter Grass. De Duitse schrijver, die begreep dat Bush de behoefte voelde om iets belangrijks te bewijzen aan zijn vader, raadde hem aan een psycholoog te raadplegen in plaats van Irak te bombarderen.
In 1898 verklaarde president William McKinley dat God hem het bevel had gegeven om de Filippijnen te blijven besturen om de inwoners te civiliseren en te kerstenen. McKinley zei dat hij met God had gesproken toen hij om middernacht door de gangen van het Witte Huis wandelde. Meer dan een eeuw later verzekert president Bush dat God aan zijn zijde is in de verovering van Irak. Hoe laat en op welke plek ontving hij het goddelijke woord?
En waarom zou God zulke tegenstrijdige bevelen hebben gegeven aan Bush en aan de paus van Rome? Hij verklaart de oorlog in naam van de internationale gemeenschap, die oorlogen zat is. En, zoals gewoonlijk, verklaart hij de oorlog in naam van de vrede. Het gaat niet om de olie, zeggen ze. Maar als Irak radijsjes produceerde in plaats van olie, wie zou het verzinnen dat land binnen te vallen?
Zouden Bush, Dick Cheney en de zoete Condoleezza Rice werkelijk afstand genomen hebben van hun oude banen in de olie-industrie? Vanwaar deze afkeer van Tony Blair jegens de Irakese dictator? Zou dat niet zijn omdat Saddam Hoessein dertig jaar geleden de Britse Irak Petroleum Company nationaliseerde? Hoeveel olieboorputten verwacht José María Aznar in ontvangst te nemen bij de volgende verdeling?
De consumptiemaatschappij, dronken van de olie, heeft ontwenningsverschijnselen. In Irak is het zwarte elixer minder duur en, wellicht, het meest overvloedig. In een vredesdemonstratie in New York vroeg een spandoek: 'Waarom bevindt onze olie zich onder hun zand?'


Huis voor dakloze kinderen is even dakloos

Senta in 't Veld
Peruaanse kinderopvang Los Cachorros

Een jaar geleden vertrok de Nederlands-Peruaanse Alanya Santa Cruz naar Ayacucho, Peru, om er een nachtopvang op te richten (zie LA Chispa 287). Na een aantal jaren in Nederland dakloos te zijn geweest wilde ze haar kennis en ervaringen gebruiken om kansloze kinderen in Peru een dak boven hun hoofd te verschaffen. Wat vorig jaar alleen nog op papier en in haar gedachten bestond moest het afgelopen jaar werkelijkheid worden. Alanya Santa Cruz vertelt hoe het haar stichting, Los Cachorros, tot dusver is vergaan.

"Het afgelopen jaar is wisselend verlopen. In augustus vorig jaar heb ik samen met Gabriëlle de Kroon, een bestuurslid van mijn stichting Los Cachorros, een heel mooi huis gevonden in Ayacucho, Peru. Daar zouden we onze kleine nachtopvang kunnen beginnen. Het is best een chique huis in een dure wijk van de stad. Maar in januari van dit jaar kwamen er ineens een paar mannen de boel afbreken. De huisbazin had dit niet met mij overlegd. Ze had het een aantal dagen ervoor gewoon aangekondigd. Ik moest pardoes mijn slaapkamer uit. Het dak was verkeerd gebouwd en dat wilde de huisbazin herstellen. Nota bene midden in het regenseizoen, zodat het behoorlijk is gaan lekken in huis. Er zijn nu twee kamers beschimmeld en volstrekt onbruikbaar. We hebben een advocaat in de arm genomen en er in ieder geval een huurvermindering uit kunnen slepen."

Veilige thuishaven
"Momenteel wachten we nog op een inschrijving bij de laatste instanties. We zijn al een rechtspersoon in Peru. Maar als we de laatste papieren hebben kunnen we echt van start. We gaan dan het formele contact leggen met de kinderrechter, met de openbare aanklager van de minderjarigen ter voorkoming van delicten en met de politie. Er moet een samenwerking ontstaan, waarbij zij ons minderjarigen van zes tot en met vijftien jaar door kunnen sturen. De doelgroep van Los Cachorros bestaat in principe uit kinderen die niet meer naar huis kunnen of willen. Bijvoorbeeld omdat er geweld in het gezin voorkomt, vaak veroorzaakt door alcoholisme. Of kinderen die niet genoeg hebben verdiend met hun werk en daardoor niet meer worden binnengelaten. Of kinderen die naar de stad getrokken zijn om geld te verdienen terwijl hun ouders ver weg wonen. Ook jongeren die in straatbendes rondlopen en terokal, een soort lijm, snuiven behoren tot de doelgroep. De opvang is laagdrempelig maar met een reglement. Het is de bedoeling dat Los Cachorros tegemoet komt aan de eerste levensbehoeften: bed-, bad-, en broodvoorziening."
"Los Cachorros wordt een kleine nachtopvang met plek voor tien kinderen. We willen ze een veilige thuishaven aanbieden en zo min mogelijk op een instantie lijken. De kinderen kunnen naar binnen van zeven tot elf uur 's avonds, maar in het weekend zal dit later zijn. De reden hiervoor is dat er mogelijk kinderen tot laat moeten werken. Ze verkopen dan snoep en sigaretten bij ingangen van discotheken. Bij binnenkomst is er de mogelijkheid om wat te eten. Ze zullen hier een kleine bijdrage voor af moeten staan. Zo stimuleren we dat ze blijven werken en dat het niet alleen maar nemen is maar ook geven. 's Ochtends moeten ze meehelpen met de boodschappen doen, het eten klaarmaken en het huis schoonmaken. We sluiten om negen uur 's morgens. Omdat de kinderen vaak ondervoed zijn en niet alles binnen krijgen wat ze nodig hebben eten ze 's ochtends een segundo, een warme maaltijd. Dat is hier vrij normaal in Peru."


Mislukking van de ruilmarkten

Maja Haanskorf
Alternatief economisch systeem in Argentinië


Binnen drie jaar tijd heeft de ruilhandel in Argentinië een ongekend grote vlucht genomen. Gedreven door de toenemende armoede schoten overal netwerken van ruilmarkten uit de grond. Iedere stad, iedere wijk kende eigen clubs, die zonder de tussenkomst van geld producten en diensten ruilden. Het systeem lijkt nu aan haar eigen succes ten onder te zijn gegaan.

Het idee om buiten de formele economie om in een relatief kleine kring van mensen producten te ruilen is niet nieuw. Al in de jaren dertig ontstonden er in Zwitserland dergelijke ruilclubs, die tot op de dag van vandaag bestaan. In de Verenigde Staten is het een modieus verschijnsel onder mensen die gezond voedsel willen eten. Op een agrarische markt ruilen zij zelfverbouwde, biologische producten. In Nederland bestaan in verschillende steden organisaties waarvan de leden diensten ruilen, met ieder hun eigen naam zoals Noppes of Lets.
Op grotere schaal ontstaat ruilhandel als antwoord op een falende formele economie, in tijden van crisis. Dit was het geval in Argentinië, waar rond 2000 - nog vóór de totale ineenstorting van de economie - de eerste ruilclubs ontstonden, trueques. "Het waren kleine clubs die elkaar op een afgesproken tijdstip en plaats ontmoetten om producten te ruilen", vertelt Juan Alonso. Hij komt uit San Nicolás, een stad met ongeveer 150 duizend inwoners, op 230 kilometer ten noorden van Buenos Aires. "We zijn in 2001 begonnen met 250 deelnemers die elkaar wekelijks op twee vaste plekken troffen. Binnen een half jaar is dat aantal gegroeid tot zeker tienduizend deelnemers. In de stad waren er toen vijftig verschillende plaatsen waar de ruilmarkten gehouden werden." In heel Argentinië waren naar schatting vijf miljoen mensen betrokken bij de trueque. "Dat is veel te veel", meent Alonso. "Dit systeem vereist een groot onderling vertrouwen tussen de deelnemers en een grote zorgvuldigheid. Die was er niet meer."
Ook Ana Ferreira, als econome verbonden aan de Nederlandse stichting Strohalm, meent dat een dergelijk systeem van ruilhandel alleen op kleinere schaal goed kan functioneren. "In Argentinië is de trueque te snel en te hard gegroeid. Er was geen sociale controle meer op. Bovendien ging de trueque de formele economie vervangen en dat kan niet."


De schaamte overwonnen

Jan de Kievid
Spreken over seksuele marteling

Weinig vrouwen durven openlijk te praten over de seksuele martelingen die zij hebben ondergaan. De Chileense Nieves Ayress doet dat al bijna drie decennia wel. De Noord-Amerikaanse historica Temma Kaplan onderzocht hoe Ayress er in slaagde haar vrouwelijke en politieke identiteit te behouden en de schaamte van zich af te werpen.

Eind jaren negentig ontmoette Temma Kaplan, hoogleraar Geschiedenis aan de Rutgersuniversiteit in New Jersey (Verenigde Staten), de Chileense vluchtelinge Nieves Ayress en hoorde haar levensgeschiedenis. Dat verhaal bleek uitzonderlijk, omdat vrouwen zelden openlijk durven te spreken over seksuele martelingen die ze hebben ondergaan. Bovendien heeft Ayress haar ervaringen onmiddellijk opgeschreven, en is het dus een directe getuigenis. De zeldzame andere verhalen van vrouwen over zulke martelingen zijn meestal veel later achteraf gereconstrueerd.
Kaplan, een van de grondlegsters van vrouwenstudies en vrouwengeschiedenis in de Verenigde Staten en al jaren actief in de solidariteitsbeweging met de Derde Wereld, is vooral geïnteresseerd in de vraag hoe mensen, speciaal vrouwen, betrokken raken bij politieke en sociale bewegingen. "Wat gebeurt er met hen in de loop van de strijd en hoe leren zij hun angst voor repressie te overwinnen? Hoe ontstaat solidariteit en hoe blijft die in stand?"
Het verhaal van Ayress vormt het eerste hoofdstuk van Kaplans boek Taking the streets over de rol van de vrouwenbeweging bij de overgang naar democratie in Chili, Argentinië en Spanje. Volgend jaar verschijnt het boek. In maart was Kaplan een paar dagen in Amsterdam voor een college over oral history aan het Belle van Zuyleninstituut van de Universiteit van Amsterdam (vrouwenstudies) en een lezing over Ayress op het CEDLA.
Kaplan: "Nieves Ayress werd geboren in 1948 in een socialistisch gezin in Santiago, met een politiek bewuste en actieve vader én moeder. Net als veel andere Chileense jongeren in die tijd raakte zij enthousiast over de Cubaanse revolutie. Ayress sloot zich aan bij de guerrilla in Bolivia na de dood van Che Guevara in 1967. Volgens haar zeggen ergerde zij zich aan de houding van de mannelijke guerrillero's, die vonden dat vrouwen voornamelijk dienden voor koken en seks. Haar kritiek werd haar niet in dank afgenomen."
Na haar terugkeer in Chili in 1970 steunde Ayress de linkse regering van Salvador Allende. Na enige tijd film- en televisiestudie in Cuba werd zij actief in organisaties in de volkswijk La Legua in Santiago, zonder daarbij leidster te zijn van een politieke groep. Juist in deze wijk sloegen de militairen na de staatsgreep van 11 september 1973 keihard toe. Ayress werd opgepakt en zat met vele duizenden gevangen in het Nationale Stadion in Santiago.


Versterking van de identiteit

Maja Haanskorf
Stichting Timach bestaat tien jaar

Het belangrijkste boekwerk uit de Maya-cultuur van Midden-Amerika is de Pop Wuj, ook wel Popol Vuh genaamd. Het is een van de weinige geschriften die ontsnapt zijn aan de Spaanse vernietigingsdrift. Vandaag de dag zet stichting Timach in Guatemala zich in om deze 'bijbel van de Maya's' zoveel mogelijk te verspreiden onder de inheemse bevolking. De Nederlander Fons Eickholt stond aan de wieg van Timach, dat dit jaar haar tienjarig bestaan viert.

De stichting Timach is gevestigd in Quetzaltenango, in het zuidwesten van Guatemala. Maya-jongeren zetten zich hier in voor de herontdekking en versterking van de inheemse cultuur. De stichting organiseert educatieve projecten en conferenties en verzorgt theatervoorstellingen in de dorpen. De belangrijkste activiteit is de verspreiding van de Pop Wuj, zoals het oude geschrift van de Maya-cultuur officieel heet. De Spaanse kolonisten vernietigden destijds de meeste inheemse manuscripten, maar de Pop Wuj bleef gespaard. Het boek is ook nu nog een bron van inspiratie voor de inheemse bevolking en speelt een rol bij het terugvinden van de eigen identiteit. Timach geeft diverse edities van de Pop Wuj uit, van eenvoudige uitgaven voor het basisonderwijs en populaire uitgaven voor volwassenen tot wetenschappelijke, becommentarieerde versies.
De naam Timach verwijst naar de inspirator van de stichting, don Adrián Chávez, en betekent zoveel als 'bron van wijsheid Adrián Chávez'. Deze indiaanse geleerde wijdde zijn leven aan het vertalen en reconstrueren van de Pop Wuj, het 'Boek van de Tijd', zoals hij het noemde. Chávez, een Quiché-indiaan, was in 1921 de eerste inheemse onderwijzer. Op basis van oude handschriften en onderzoek in diverse dorpen naar de structuur van klanken en woorden, slaagde Chávez erin de oorspronkelijke tekst van de Pop Wuj te reconstrueren. Daarnaast verzorgde hij een letterlijke omzetting in het Spaans en schreef hij een vrije Spaanse vertaling. In 1981 werd deze gecombineerde editie in Guatemala uitgegeven. Chávez was inmiddels 77 jaar. Een jaar later ontmoette Fons Eickholt hem in Mexico. Deze Nederlandse theatermaker had van de KRO de opdracht gekregen een radiobewerking te maken van de Pop Wuj, samen met schrijver Bert Schierbeek. Toen Chávez in 1987 overleed, besloot Eickholt samen met de familie van Chávez te kijken hoe diens werk kon worden voortgezet. Uiteindelijk leidde dit tot de oprichting van de stichting Timach, in 1992.


Einde of toch nieuw begin?

Jan de Kievid
Vermisten in Uruguay na 18 jaar erkend

In april werd eindelijk de officiële waarheid over de vermisten in Uruguay bekend. Zij bleken geen gewelddadige subversieven te zijn, zo liet de onderzoekscommissie weten. De discussie is extra heftig omdat oud-minister Blanco al een half jaar vastzit wegens zijn betrokkenheid bij een verdwijning.

Achttien jaar na de militaire dictatuur in Uruguay (1973 tot 1985) heeft de regering officieel erkend dat er mensen in die tijd verdwenen zijn. Terwijl in Argentinië en Chili presidentiële commissies al na een jaar indrukwekkende rapporten produceerden met respectievelijk zo'n 9000 en 1200 'erkende' vermisten, is in Uruguay steeds geprobeerd de zaak binnenskamers te houden. Waarschijnlijk hebben de militairen niet-berechting als voorwaarde gesteld om zich te kunnen terugtrekken in hun kazernes. In 1986 kwam de regering met een Amnestiewet, die door het parlement werd aangenomen. Een kwart van de kiezers vroeg hierover een referendum aan. Onder zware druk van regering en militairen stemde 57 procent in 1989 voor handhaving van de Amnestiewet.
De wet verplichtte de regering wel te onderzoeken wat er met de vermisten was gebeurd. Maar dat werd niet serieus aangepakt. President Sanguinetti benoemde in 1989 een commissie onder leiding van een gepensioneerde militaire aanklager. Deze club concludeerde dat in Uruguay geen verdwijningen hadden plaatsgevonden.


Windenergie: goudmijn of snode valstrik?

Wim Gijsbers
Mexicaanse boeren verleid tot contracten


Duizenden dollars per windmolen per jaar. Buitenlandse bedrijven hebben er grof geld voor over om stukken grond in het meest windrijke stuk van Mexico te reserveren voor de bouw van windmolens. De boeren die de grond bewerken kunnen het geld goed gebruiken, maar weten niet waar ze aan toe zijn. Raken ze met het ondertekenen van een contract niet hun zeggenschap kwijt?

Trailers langs de kant van de weg of een omgekiepte vrachtwagen. Het zijn geen ongebruikelijke taferelen in de Mexicaanse Landengte van Tehuántepec. Langs de hoofdweg vanaf La Ventosa naar Chiapas komt het regelmatig voor dat voertuigen zijn omgewaaid. Wind, wind en nog eens wind is het enige dat hier in overvloed aanwezig is. Het is één van de meest geschikte gebieden voor windenergie. De overvloedige bron van schone energie heeft te maken met de dwarsligging van de Sierra. De bergen vormen een smalle gang waar alle passerende lucht samenkomt, vooral tussen november en februari, als de noordenwinden opsteken. Daarom proberen niet minder dan veertien buitenlandse bedrijven, al dan niet in samenwerking met de Federale Elektriciteitscommissie, om de boeren te overtuigen hun grond te lenen, te verhuren of te verkopen. Het gaat om boeren van de ejidos, de voormalige haciënda's die onteigend werden na de Revolutie en in beheer werden gegeven aan de gemeenschap.
Volgens gegevens van het ministerie van Industriële en Handelsontwikkeling van de staat Oaxaca (SEDIC) zijn er plannen voor een gigantisch windmolenpark met een oppervlakte van ruim 120 duizend hectare tussen La Ventosa en Zanatepec, zeventig kilometer meer naar het zuidoosten. Het project zou meer dan tweeduizend megawatt opwekken binnen tien jaar. Internationale bronnen spreken zelfs van vijfduizend megawatt. Daarmee zou het park het totale potentieel van de Verenigde Staten overtreffen. De investeringen worden geschat op meer dan twee miljard dollar.
Dat zijn cijfers die de boeren zich zelfs niet in hun dromen kunnen voorstellen. Het lukt ze net om hun familie te onderhouden, zonder enige steun van de federale of nationale overheden. In voorgaande decennia was dit een gebied voor rijst en suikerriet, nu wordt er een beetje maïs geteeld - een variëteit die tegen de wind kan - en de graansoort sorghum. Een paar magere koeien eten wat droog gras, struikjes en plastic zakjes die hier overal rondvliegen. Het is een gebied waar veel verkeer doorheen rijdt, maar dat tegelijk zo achtergesteld is dat iedere economische injectie meer dan welkom is. De ejidos El Porvenir, La Ventosa, La Venta en La Hamaca, waar de wind nog harder waait en die daarom aangewezen zijn voor het megaproject, zijn vol goede hoop en tegelijkertijd in verwarring. De aanbiedingen van de Spanjaarden, Duitsers, Fransen en Amerikanen die in de rij staan hebben nog nergens toe geleid. Is het een goudmijn of een snode valstrik waar de boeren ieder moment in kunnen vallen omdat de verleiding zo groot is?


 

   E-mail Noticias
   Noticias-donateur worden?

Patrocinado por / Sponsored by:


  

Noticias 1997-2004