info noticiashome




Het volgende nummer van LA Chispa
zal eind september 2006 verschijnen

Met daarin onder meer:

REDACTIONEEL
- Meer dan een cliché


- Milieuconflicten in Chileense mijnbouw

- Dominicaanse Republiek Special

- Zon, strand en steekpenningen

INTERVIEW
- Michiel Baud over de erfenis van Trujillo

- Eerlijke koffie en bananen

- Tussen bachata en merengue

PORTFOLIO
- Geloof niet alles wat ze zeggen!

INTERVIEW
- De mythe van de mulata

- Waarom Rosa steeds 'op reis' gaat

- Haïti en de Dominicaanse Republiek

REPORTAGE
- Werkloze bouwvakkers in Salcedo

- Uitgelezen: Let it rain coffee

- Drie portretten: Sammy Sosa, Julia Alvarez,   Juan Luis Guerra

-Jan Brokken over elf Antillianen en Chopin

- Uitgelezen: Hele dagen in de regen

RUBRIEKEN

- UITGELICHT: Haïti, Argentinië en Guatemala
- STANDPLAATS: Honduras
- ABONNEE IN DE SCHIJNWERPER: Gerrit Linssen
- BERICHTEN UIT HET VELD: Guatemala
- DE KERN: Reisorganisaties
- KOKEN MET CHISPA: Sancocho
- COLUMN: Curacao en Venezuela
- KORT LATIJNS-AMERIKAANS
- AGENDA
Zoekt u een cadeautje met chispa?
Dan is Karma meets Inca, reisreportages uit LA Chispa (80 p.) zeker iets voor u.
De redactie van LA Chispa heeft een boekje uitgebracht met daarin de mooiste reisreportages, in tekst en foto’s, van de afgelopen vijf jaar.
> bestellen

Neem een abonnement op LA Chispa en ontvang Karma meets Inca als welkomstgeschenk.

REDACTIONEEL   Maja Haanskorf
Meer dan een cliché

De derde landenspecial van LA Chispa, een extra dik zomernummer, ligt voor u. Na het Zuid-Amerikaanse Uruguay en het Midden-Amerikaanse Honduras, is het nu de beurt aan een Caribisch land: de Dominicaanse Republiek. Wellicht niet zo onbekend als de vorige twee landen, al was het maar omdat diverse grote touroperators charters vol toeristen afleveren in een van de all inclusive resorts aan de witte stranden. De glanzende foto’s in vakantiefolders hebben een groot ‘Bounty-eiland’ gehalte. Wuivende kokospalmen, mooie exotische meiden in kleine bikini’s en een romantische zonsondergang boven een vlakke, zich eindeloos uitstrekkende zee.

En ja, er zijn stranden in overvloed. De Dominicaanse Republiek is immers een eiland, dat wordt gedeeld met Haïti. Het zijn niet echt goede buren. De Dominicanen hebben het niet zo begrepen op de donkerder getinte Haïtianen, die massaal de grens oversteken om in het rijkere buurland te werken. De Dominicanen kijken op hen neer en beschouwen Haïti als een achtergebleven gebied. Intussen hebben de meeste Dominicanen maar één grote wens: zo snel mogelijk hun land verlaten en op zoek gaan naar het grote geluk. Dat menen ze vooral te vinden in de Verenigde Staten. Hoe treurig deze ‘American dream’ vaak uitpakt, valt te lezen in de migrantenliteratuur van schrijfsters als Julia Alvarez en Angie Cruz.

Dominicaanse vrouwen zijn gewild in Europese landen. ‘De mythe van de mulatta’, noemt onderzoekster Marie Luise Janssen het. Licht gekleurde vrouwen worden als erotisch en sensueel gezien. Geen wonder dat veel van deze vrouwen de bordelen van Europa vullen. Als prostituee verdienen ze geld om de familie thuis te onderhouden en een huis te laten bouwen. Er loopt een dunne scheidslijn tussen prostitutie en vrouwenhandel. Niet alle vrouwen kiezen voor een baan in de seksindustrie. Vaak menen ze terecht te komen in een hotel als kamermeisje of in een club als danseres. De vrouwen die naar het buitenland vertrekken hebben één ding gemeen: ze gaan uit armoede en met de hoop geld te verdienen voor een beter leven voor hun familie.

Een beter leven, dat wil iedereen. Daarom hebben kleine koffieboeren zich aaneengesloten om met een groter volume op de markt te komen. Veel koffie verlaat het land met het label van Max Havelaar. Ook bananenproducenten hebben de fairtrademarkt ontdekt. Een OKE-banaan is te vinden in meerdere winkels in Nederland en België. Als het allemaal niet lukt, dan zoeken de mensen hun heil bij een santo. Heiligen genoeg op het eiland. En ze zoeken bijbaantjes, als bestuurder van een brommertaxi of als straatventer. En altijd is alles overgoten met een saus van merengue, de muziek die ooit van het gewone volk was en nu de wereld heeft veroverd. Soms is een cliché waar: Dominicanen houden van muziek en dans.

Maak van uw hart geen moordkuil! Reageren? Leest u iets in LA Chispa waar u het helemaal niet mee eens bent? Ontbreekt er iets waarop u de redactie wel eens wilt wijzen? Aarzel niet en laat van u horen! Een kritische noot, een bijval, een aanvulling, een originele gedachte, een afwijkende mening, een mooie analyse: mail of schrijf naar de redactie van LA Chispa. Uw reactie is welkom!
De redactie van LA Chispa


De leugens van Barrick Gold    Arianne van Andel
Milieuconflicten in Chileense mijnbouw

Het Canadees-Amerikaanse bedrijf Barrick Gold mag goud winnen in Pascua Lama, een hoogvlakte in het noorden van Chili. Het mijnbouwproject is omstreden. Het vervuilt niet alleen de omgeving, maar schaadt ook een aantal gletsjers in de buurt. Toch lijkt het project door te gaan, dankzij allerlei slinkse acties van het bedrijf. Net als andere mijnbouwprojecten in andere delen van Latijns-Amerika.

“Geen enkel investeringsproject zal in Chili winst kunnen maken ten koste van het milieu”, zei de Chileense president Michelle Bachelet in haar staatsnota op 21 mei, de Chileense ‘prinsjesdag’. Dit leek goed nieuws voor de milieuorganisaties die al vanaf 2001 strijden tegen het polemische mijnbouwproject Pascua Lama in het noorden van Chili. Het Canadees-Amerikaanse bedrijf Barrick Gold wil daar, in het Andesgebergte op de grens met Argentinië, 500 duizend kilo goud winnen uit open pitmijnen. De mijnen moeten precies op de plaats van drie belangrijke gletsjers worden uitgehouwen. De uiterst vervuilende goudwinning dreigt daarmee de waterbronnen van de nabijgelegen valleien aan te tasten en de gezondheid van de inwoners en de akkerbouw in gevaar te brengen.


Special Dominicaanse Republiek    Judith Jansen

Het land dat al door Columbus tijdens zijn eerste ontdekkingsreis bezocht werd, is nu vooral bekend om zijn strandvakanties. Jaarlijks trekken 2 à 3 miljoen toeristen naar de Dominicaanse Republiek, waar ze meestal in een all inclusive resort verblijven. Maar het land is meer dan hagelwitte stranden en een diepblauwe zee alleen.

Het is de bakermat van de bachata en de merengue. Met de inmiddels wereldberoemde vertolker Juan Luís Guerra is deze muzieksoort het bekendste exportproduct van het land. Het is ook het thuisland van vele sterspelers in de Noord- Amerikaanse honkbalteams. Het land pronkt nog steeds met de eerste universiteit en kathedraal van de Nieuwe Wereld. De Cordillera Central, een gebergte dat dwars door het eiland loopt, heeft de hoogste piek van het Caribische gebied: de Pico Duarte, die iets hoger dan drieduizend meter is.


Zon, strand en steekpenningen   Kees Kodde

Een land waar de armoede wijd verbreid is en waar tegelijk de economie jaarlijks met 8 procent groeit. Daar klopt iets niet. In de Dominicaanse Republiek tiert de corruptie welig en is de bevoking slecht georganiseerd. Van een agrarisch land is het veranderd in een land dat drijft op de dienstensector, vooral het toerisme. En natuurlijk op het geld dat de vele migranten naar huis sturen. Een verslag over het wel en wee in dit land van zon, strand en steekpenningen.

Toeristen gaan graag naar de Dominicaanse Republiek: het is er goedkoop en er is volop zon en strand. Waarom wordt het land door haar eigen inwoners dan zo weinig gewaardeerd? Bij bosjes proberen de Dominicanen hun land te verlaten. Alleen in New York wonen er al meer dan een miljoen. Dagelijks wagen mensen op gammele vlotjes de levensgevaarlijke oversteek naar Puerto Rico. Hoe kan het dat een land dat gedurende bijna dertig jaar een gestage economische groei heeft gekend van rond de 8 procent nog steeds maar op plaats 95 in de Human Development Index staat van de UNDP? Volgens het rapport uit 2005 van deze ontwikkelingsorganisatie van de Verenigde Naties ligt het antwoord in het gebrek aan betrokkenheid van de politieke en zakenelite van het land. Er bestaat geen sociaal pact dat ten goede komt aan de meerderheid van de Dominicaanse samenleving. Voeg daarbij de wijdverbreide corruptie en de zwakke organisatiegraad van de bevolking, en het wordt duidelijk waar de armoede en de wens tot migratie vandaan komen. Weg uit een land van zon, strand en steekpenningen.


De erfenis van Trujillo  Maja Haanskorf

Weinig dictators hebben zo tot de verbeelding gesproken als Rafael Trujillo, die van 1930 tot 1961 met harde hand heerste over de Dominicaanse Republiek. Na zijn dood barstte er een stroom publicaties los over el Jefe of el Chivo, de Bok, zoals zijn bijnamen luidden. Een bizarre, wrede tiran, een absolute macho, maar tegelijk ook een harde werker die zijn land moderniseerde en stabiliteit bracht. Tegen een zeer hoge prijs, dat wel. Wie was deze man en met welke erfenis heeft hij de Dominicanen opgezadeld? LA Chispa vroeg het aan Michiel Baud, directeur van het Cedla en kenner bij uitstek van de Dominicaanse Republiek.

Het was ongetwijfeld de Peruaanse schrijver Mario Vargas Llosa die ervoor heeft gezorgd dat een groot publiek kennis nam van de meest bizarre dictator ooit: Rafael Leonidas Trujillo, die dertig jaar heerste over de Dominicaanse Republiek. In het boek Het feest van de bok laat Vargas Llosa zien dat voor Trujillo het uitoefenen van macht gelijk stond aan het tonen van zijn seksuele potentie. Daarom was hij trots op zijn bijnaam de Bok. Een schrijver is geen historicus, iets dat Vargas Llosa erkent. “Ik heb een roman geschreven en geen weergave van de geschiedenis”, zei hij in een interview.


Koffie en bananen  Hester Foppen
Eerlijke handel in La Dominicana

Was de Dominicaanse Republiek tot voor kort een agrarisch land, tegenwoordig voert de dienstensector de boventoon.Toch produceert het land nog agrarische producten, zoals koffie, cacao en bananen. Koffieboeren verenigen zich om een groter volume op de markt te brengen, vaak onder het merk Max Havelaar. Bananenproducenten volgen hun voorbeeld, zodat de Dominicaanse (OKE) banaan zijn plaats op de exportmarkt heeft veroverd.

De beste koffie groeit hoog in de bergen: hoe hoger, hoe langzamer het rijpingsproces en hoe beter de kwaliteit. Tegen beide hellingen van de Cordillera Central, de bergkam die het land doorsnijdt, liggen koffiegebieden. Ze zijn landschappelijk bijzonder fraai door de vele bomen die de koffiestruiken schaduw verschaffen en zo voor het juiste microklimaat zorgen. De prijs van koffie op de wereldmarkt hangt niet af van één factor. Vraag en aanbod hebben de grootste invloed op de prijs op de termijnmarkt, maar daarnaast speelt kwaliteit een grote rol. Grondsoort en klimaat bepalen voor een deel de kwaliteit, maar ook de verwerking na de oogst is van belang. Dominicaanse koffie is een vrij neutraal onderdeel van diverse koffiemélanges. In veel Fairtrade koffie’s komt een deel van de bonen uit het zuidelijke berggebied, van plantages van kleine koffieproducenten uit streken als San Cristóbal, Baní, Ocoa, Neyba of Barahona. Zij hebben zich verenigd in de Federación de Caficultores de la Región Sur (Fedecares). Door hun product samen te verwerken en op te slaan, kunnen ze een groter volume op de markt brengen. Koffie geeft altijd inkomsten, maar het is een handmatig geplukt, arbeidsintensief product en de prijs op de wereldmarkt is variabel. Je kunt er pas goed van leven als je daarnaast nog andere inkomsten hebt. Dit geldt zowel voor producenten als voor handelaren, zoals de eigenaren van het koffiemerk Santo Domingo. Die investeren hun kapitaal op veel manieren en met Café Santo Domingo zijn ze al jarenlang marktleider op de nationale consumptiemarkt. Koffieproducenten spreiden risico door naast koffie ook andere producten te verbouwen die in de periode tussen twee koffieoogsten inkomsten opleveren. Dan hoeft er geen geld te worden geleend van de plaatselijke winkelier annex tussenhandelaar annex kredietleverancier. Die wil steevast terugbetaald worden in koffie, wat voor de producent iedere winstmogelijkheid wegneemt.


Tussen bachata en merengue  Peter Desmet

Bijna iedereen die ooit een muziekfestival met latino-muziek meemaakte heeft aan den lijve ondervonden wat de Dominicaanse merengue teweeg kan brengen. Deze opzwepende muziek, gestuwd door hitsige percussie, een huppelende bas en energieke meerstemmige vocalen, wordt niet voor niets als de snelste dansmuziek ter wereld gecatalogiseerd.

Merengue was oorspronkelijk volksmuziek afkomstig van het Dominicaanse platteland. Andere wortels van dit muziekgenre zijn te vinden in Haïti, Venezuela en Colombia. Het is in hoge mate het resultaat van de vermenging van Europese en Afrikaanse elementen. De Dominicaanse dictator Trujillo was zo weg van het genre dat hij het onder zijn bewind (1930–1938, 1942–1952) promoveerde tot de nationale Dominicaanse muziek.


De sensuele Dominicaanse in Europa  Judith Jansen & Maja Haanskorf
De zelfverzekerde prostituee

Dominicaanse prostituees in Europa. Zijn ze willoze slachtoffers of initiatiefrijke vrouwen die goed weten waar ze aan beginnen? LA Chispa vraagt het aan mensen met verschillende visies op het fenomeen. De Nederlandse onderzoekster Marie Louise Janssen ziet hen als bewust handelende vrouwen die met hun lichaam geld verdienen om de situatie van hun familie te verbeteren. Margot Tapia van de Dominicaanse mensenrechtenorganisatie Aquelarre neemt eerder de term vrouwenhandel in de mond. Ook al weten vrouwen waar ze terechtkomen, dan wil dat niet zeggen dat ze op de hoogte zijn van de werkomstandigheden. Dat alleen al is als vrouwenhandel aan te merken.

“Een vrouw vertelde hoe ze haar drie kinderen, haar slaande man en haar kleine dorpje op de Dominicaanse Republiek had achtergelaten om naar Nederland te komen. Aangekomen op Schiphol sprak ze een taxichauffeur aan. Hij sprak gelukkig een paar woorden Spaans. Ze zei: ‘Breng me naar de Dominicaanse meisjes.’ Hij reed linea recta naar de Poeldijkstraat in Den Haag. Toen ze uitstapte, zag ze er een aantal dorpsgenotes achter de ramen zitten.”


'Ik blijf op reis gaan om een huis te kunnen kopen'  Maja Haanskorf
Het verhaal van Rosa

Ik ben 27 jaar. Ik heb alleen leren lezen en schrijven, want ik hield niet van school. Op mijn vijftiende had ik mijn eerste man. Ik trouwde met hem en ging van huis weg. Ik werkte in een bierbrouwerij. Tegen klanten zei ik dat ze op een bepaalde plek op me moesten wachten. Daarna betaalden ze me. Nu woon ik samen met mijn echtgenoot, die op de administratie van een fabriek werkt en mij iedere dag vijftig peso geeft voor de boodschappen. Van mijn eerste echtgenoot heb ik een dochter van acht jaar en van mijn huidige man heb ik een dochter van zes. We wonen in het noorden van Santo Domingo.

Vrouwen gaan naar het buitenland omdat ze vooruit willen komen in het leven. Daar betalen ze je in dollars en die leveren bij terugkomst meer op. Dan kun je een stuk grond kopen of een huis. Ik wil op reis blijven gaan. Ik heb plannen voor januari, een korte trip om geld te verdienen. Daarmee kan ik naar een andere plaats reizen die me meer oplevert, zodat ik een huis kan kopen. Ik denk erover naar Curaçao te gaan, ook al ken ik niemand die me kan helpen. Ik moet het doen, want niemand weet waar zijn lot ligt.


Tot elkaar veroordeeld  Kees Kodde
Haïti en de Dominicaanse Republiek

De relaties tussende Dominicaanse Republiek en Haïti zijn moeizaam en het racisme is wijdverbreid. De Dominicanen houden er een simpel schema op na: wij zijn blank en de Haïtianen zijn zwart. Vergeten wordt dat beide volken gemeenschappelijke wortels hebben. En dat migratie in beide landen aan de orde van de dag is. Ultranationalisten voeden graag de bestaande weerzin tegen de buren. En voor de regering is een externe vijand handig voor de binnenlandse cohesie.

Toen de Dominicaanse Republiek zich in 1844 vrijvocht van een 22 jaar durende Haïtiaanse bezetting, ontstond een conflict over bij welke mogendheid het land zich aan zou aansluiten, bij Frankrijk, Engeland of Spanje. Het werd Spanje en in 1861 bood de Dominicaanse Republiek zich ter annexatie aan dit land aan. Drie jaar later vocht het land zich echt onafhankelijk, in 1864. Toch is de nationale onafhankelijksdag op 27 februari, de dag dat de Dominicaanse Republiek onafhankelijk werd van Haïti in 1844. Want 22 jaar bezetting door de Haïtianen is veel traumatischer voor de Dominicanen dan de bijna vierhonderd jaar durende Spaanse aanwezigheid, die niet als een bezetting wordt aangeduid. Er is immers geen indiaan meer over die dat zou kunnen claimen. De Dominicaanse identiteit is vooral gebaseerd op een zich afzetten tegen de `achterlijke Afrikaanse cultuur’ van Haïti en het benadrukken van het Spaanse en blanke karakter van het Dominicaanse volk. Gemakshalve wordt vergeten dat veel Haïtianen mulat zijn en dat er ook veel zwarte Dominicanen zijn. Ook vergeet men vaak de gemeenschappelijke wortels: beide volken zijn een mengeling van Spaanse en Franse kolonisatoren, de inheemse Taínos en geïmporteerde negerslaven.


'Niemand van onze bond heeft nog werk'  Ernst Roemers
Op bezoek bij bouwbonden in Salcedo

De lokale bouwbond in het Dominicaanse stadje Salcedo is trots op het eigen kantoortje. Het is gebouwd met spaarcenten van de bouwvakkers zelf, in de tijd dat ze nog werk hadden. Nu hebben ze geen van allen werk. Een delegatie van de Nederlandse afdeling van de Latijns-Amerikaanse vakbond CLAT was onlangs op bezoek bij enkele bouwbonden in de Dominicaanse Republiek. Ernst Roemers, medewerker van CLAT, doet verslag.

We rijden naar het stadje Salcedo. In een straat achter het centrale plein staat de trots van de lokale bouwbond: het vakbondskantoor. Behalve een tafeltje met wat laatjes en wat papieren erop lijkt het in niets op wat we in Nederland onder een vakbondskantoor verstaan. Het gebouwtje zelf is van hout waar de meeste verf is afgebladderd. Het lijkt een wonder dat het de tropische stormen weet te overleven.


Waarom elf Antillianen knielden voor het hart van Chopin  Mark Weenink

Op het eerste gezicht hebben de tropische Antillen en het koude Polen niets met elkaar te maken. Maar wie Waarom elf Antillianen knielden voor het hart van Chopin van schrijver Jan Brokken leest, zal ontdekken dat de twee op muzikaal gebied meer raakvlakken hebben dan je zou vermoeden. In een boek met deze intrigerende titel gaat Brokken in op de Antilliaanse muziek en de Afrikaanse en Europese invloeden daarop, in het bijzonder die van de Poolse componist Chopin.

“Voor Antillianen is muziek alleen muziek wanneer erop gedanst kan worden. En dansen kun je op Chopin, op de walsen en de mazurka´s”, zo stelde Brokken afgelopen mei ten overstaan van een volle zaal in de Rode Hoed in Amsterdam. Daar presenteerde hij zijn boek in samenspel met de Curaçaose componist en pianist Wim Statius Muller. Het literair muzikaal optreden was georganiseerd door de Amsterdamse literaire Reisboekhandel Evenaar ter ere van hun vijftienjarig bestaan.


Standplaats Honduras  Sander van Wesemael
Homo in San Pedro Sula
In deze rubriek vertellen mensen over hun tijdelijke standplaats. Meestal zijn ze uitgezonden door een westerse ontwikkelingsorganisatie. Over de mensen die ze ontmoeten, met wie ze werken of uitgaan, over de plaatsen die ze ontdekken en de voorvallen die plaatsvinden, gaan hun verhalen. Deze keer is de standplaats: Honduras

Carlos is homo. Maar hij wil het er liever niet over hebben. Alleen zijn beste vrienden en iedereen die er westers uitziet, mogen weten dat Ramón, met wie hij veel optrekt, eigenlijk zijn partner is. In zijn woonplaats San Pedro Sula, de tweede stad van Honduras, is het namelijk niet iets waar je mee te koop loopt. Hoewel, iemand uit Nederland zou het al na één minuutje merken aan zijn gedrag en manier van kleden. Gelukkig voor hem is homoseksualiteit zo onbekend in Honduras dat bij de meeste mensen geen belletje gaat rinkelen. Carlos praat honderduit over zijn werk als model. Of over een van zijn nieuwste projecten. Zijn laatste project was een modeshow waarvan de opbrengst naar een opvanghuis voor kinderen met aids zou gaan. Helaas kreeg hij de financiering niet rond, zodat het allemaal niet doorging en de kinderen nog even moeten wachten op wat extra geld. Nu houdt hij zich bezig met de productie van een toneelstuk. Enkele jongeren uit San Pedro besteden hun vrije tijd aan een bewerking van Romeo en Julia. Carlos regelt fondsen, publiciteit, repetitieruimte en een theater. Dit doet hij samen met zijn vriend Ramón en een bevriende regisseur Johel. Carlos is zijn vorige gestrande project nog niet vergeten. Het plan is om de opbrengst van een van de speelavonden te doneren aan de kinderen met aids.


Abonnee in de schijnwerper  Maja Haanskorf
De 'chispa' van Gerrit Linssen
Ook nieuwsgierig wie dat zijn, de lezers van LA Chispa? Op zijn minst zullen ze een binding hebben met Latijns-Amerika. Maar hoe ziet die eruit? Wanneer is de liefde voor het continent ontstaan? In deze rubriek komt steeds een abonnee van LA Chispa aan het woord. Dit keer is de beurt aan Gerrit Linssen (51) uit Voorburg.

Een reiziger, dat is hij vooral. Maar dan wel een geïnteresseerde reiziger, die wil ontdekken en weten. “Ik ben niet het type voor een strandvakantie”, licht Gerrit Linssen, beleidsmedewerker bij het ministerie van economische zaken toe. Zijn Voorburgse woonkamer getuigt in ruime mate van zijn passie. Overal liggen boeken, reisgidsen en foto’s uit verre streken. Niet alleen uit Latijns-Amerika, want ook Zuidoost-Azië heeft steeds meer zijn interesse gekregen. Waar komt die reislust vandaan? “Pure nieuwsgierigheid, denk ik. Van huis uit heb ik het niet meegekregen en ook mijn vriendenkring maakt niet van die verre reizen. Ik weet nog dat ik in de jaren zeventig voor het eerst in de Verenigde Staten was. Ik had er zo willen wonen. Ik kreeg daar, in Californië, het gevoel dat alles kon. Ook al strookt dat natuurlijk niet met de realiteit. Binnen Europa was ik een echte Griekenlandfan. De warmte van de mensen, de makkelijke manier van met elkaar omgaan, die spraken me erg aan. En die warmte heb ik ook in Latijns-Amerika gevonden. Hoe moeilijk mensen het er ook hebben, ze zijn zo veel positiever dan hier. Ze hebben meer drive er iets van te willen maken, ervoor te gaan. Ze houden van het leven. Daarmee vergeleken is in Nederland weinig motivatie, wanneer zegt hier nu eens iemand: wow, dat vind ik leuk! We doen zo’n beetje wat gedaan moet worden en dat is het.”