Media
'De prijs die de Mexicanen betalen, is de stilte.'
'Wie maakt zich druk om zeventig vermoorde journalisten, als er ieder jaar tienduizend Mexicanen doodgaan door geweld?' De Mexicaanse journalist Elia Baltazar (42) klinkt verbitterd maar beschouwt zichzelf vooral als realistisch. 'Niemand interesseert zich voor de situatie van verslaggevers, niet de mediabedrijven, niet de bevolking en niet de politici.'
Met een dikke jas aan zit de tengere Mexicaanse op een houten bank voor Pakhuis de Zwijger in Amsterdam. Daar spreekt ze vanavond, donderdag 3 mei, op de avond van de persvrijheid, georganiseerd door Free Press Unlimited. Ze werkt sinds 22 jaar als journalist en schreef onder meer voor la Jornada, el Excelsior en el Independiente. Momenteel werkt ze als freelancer voor verschillende kranten en websites.
Verminkte lichamen
Op dezelfde dag dat Baltazar de halfvolle zaal in Amsterdam toespreekt, worden drie van haar collega’s in Mexico dood aangetroffen. Hun verminkte lichamen zijn in plastic zakken gewikkeld en gedumpt in een rivier in de deelstaat Veracruz. Regina Martinez, een prominente journalist uit dezelfde deelstaat, werd het weekend daarvoor vermoord in haar huis gevonden.
Mexico, toch al nooit het beste jongetje van de klas op het gebied van persvrijheid, bungelt inmiddels op plaats 149 op de index van Reporters without Borders. Sinds de Mexicaanse president Felipe Calderón in 2006 de oorlog verklaarde aan de georganiseerde misdaad in Mexico, heeft het geweld in het land extreme proporties aangenomen. Door grote gebieden te militariseren hoopte Calderón een einde te maken aan de macht van de drugskartels, in plaats daarvan vielen in nog geen zes jaar tijd 50 duizend doden en zijn nog eens vijfduizend anderen vermist.
In deze context van geweld, worden journalisten vermoord, bedreigd en achtervolgd. Redactiemedewerkers hebben te maken met bomaanslagen en dreigtelefoontjes, of vinden ’s ochtends afgehakte hoofden voor hun deur met daarop briefjes met bedreigingen of een oproep tot censuur. Sinds 2000 zijn zeker zeventig journalisten vermoord, honderden anderen zijn bedreigd en zestien verslaggevers zijn spoorloos verdwenen.
Represailles
‘De meeste daders werken voor de drugskartels’, vertelt Baltazar. 'De criminelen willen niet dat journalisten over hen schrijven, ze willen ons de mond snoeren.' Maar de bron van het probleem ligt volgens Baltazar elders. 'De staat is zwak en corrupt. Iedereen kan een journalist vermoorden en er gebeurt niets. De corruptie, straffeloosheid en de banden tussen autoriteiten en criminelen, zijn desastreus voor de vrijheid van journalisten in Mexico.’
Journalisten die kritisch schrijven over de activiteiten van drugskartels, kunnen rekenen op represailles. Maar ook politieagenten en andere autoriteiten maken zich schuldig aan bedreigingen. Een derde probleem dat Baltazar schetst is de infiltratie van criminelen binnen nieuwsredacties. ‘Sommige journalisten worden betaald om informatie over kritische collega’s door te sluizen. Anderen laten zich omkopen en publiceren verhalen die door de criminelen gedicteerd zijn.’
Mexico is de afgelopen jaren regelmatig op de vingers getikt door de internationale gemeenschap. De Verenigde Naties stuurden onderzoekers naar het land en luidden de noodklok over de persvrijheid. De regering kwam toen met een nieuwe wet die betere bescherming moet bieden aan journalisten. Baltazar ziet echter weinig heil in die wet. ‘De druk van buitenaf was zo groot, de regering moest wel reageren. Maar het probleem in mijn land zijn niet de wetten. Het probleem is dat niemand er op toeziet dat die wetten worden nageleefd. Ga maar na, zeventig dode journalisten en geen enkele dader gepakt.'
‘De prijs die een samenleving betaalt als hun journalisten vermoord worden, is de stilte’, zegt Baltazar, de rook van haar sigaret diep inhalerend. ‘Ik begrijp het heel goed dat die paar vermoorde journalisten wegvallen tegen de tienduizenden andere dode burgers. Maar Mexicanen verliezen hun toegang tot informatie en dat is heel ernstig.’
Gebrek aan kwaliteit
Een ander punt van zorg voor de Mexicaanse, is het gebrek aan diepgang en gedegen onderzoek in de Mexicaanse journalistiek. Dat is niet alleen te wijten aan het geweld, denkt Baltazar, maar aan een gebrek aan traditie op dat gebied. ‘Zeventig jaar lang bepaalde de politieke partij PRI wat er in de media kwam. Sinds halverwege jaren negentig zijn het de grote mediamagnaten die de inhoud bepalen. Ook zij hebben geen belang bij diepgravend speurwerk, ze willen entertainen en scoren bij een groot publiek.’
Baltazar probeert hier iets aan te doen. In 2007 richtte ze samen met een aantal collega’s het netwerk op. In eerste instantie met als voornaamste doel de onderzoeksjournalistiek te bevorderen, maar al snel kwam daar het vergroten van de persvrijheid bij. Ze organiseren conferenties en workshops voor journalisten, vaak samen met andere organisaties die strijden voor persvrijheid.
‘We delen ervaringen en bespreken veiligheidsmaatregelen. Maar we proberen journalisten ook te herinneren aan hun sociale plicht om de bevolking te informeren. We willen ze overtuigen niet te corrumperen en niet te buigen voor geweld.’
Baltazar benadrukt dat Periodistas a Pie geen NGO is maar een netwerk. Het journalistieke werk staat voorop. 'We zijn fulltime journalisten en parttime activisten.' Maar of het genoeg is, dat betwijfelt ze. ‘Ik zie het somber in, de toekomst van mijn land', zegt ze terwijl ze nog een sigaret opsteekt. 'We zullen zien.’








Commentaar toevoegen