Latijns-Amerika in Beweging

Cultuur

woensdag, 16 oktober 2013 21:13

Limburgse tromboniste fenomeen in het Caribisch gebied

Door: Ria Kamps

De wereldwijde faam van collega André Rieu mag ze dan nog niet geëvenaard hebben, toch groeit de muzikale carrière van tromboniste May Peters gestaag. De van oorspong Limburgse woont en werkt al jaren op Puerto Rico, verzorgt wereldwijd optredens en latinclinics, doceert muziek en Spaans, schrijft muziekrecensies en boeken, én lanceerde onlangs haar eerste solocd. Hoogste tijd om dit veelzijdige talent in de spotlights te zetten.

De Nederlandse May Peters is in meerdere opzichten een fenomeen in het Caribisch gebied. Ze genoot bekendheid als trombonist op het Tumbafestival op Curaçao en in het orkest van Elías Lopés, en speelde met Plena Libre, Eddie Santiago, La Sonora Ponceña en met trompettist Luís Perico Ortíz. Ze doceerde enige tijd Trombone Jazz en Caribische muziek aan het Conservatorium van Puerto Rico en begeleidde Puerto Ricaanse artiesten als Andy Montañez, Lalo Rodriguez en José Nogueras.

Peters vestigde zich dertien jaar geleden op het eiland dat als hét centrum van de latinmuziek geldt. Ze kan er goed aarden. Peters: “Dat komt omdat ik veel overeenkomsten zie met Limburg. Ik herken dezelfde peilers in de samenleving; de invloed van het katholieke geloof op de cultuur - in Puerto Rico hangt de rozenkrans om de autospiegel en zit er een revolver in het dashboardkastje -, de familie, de gastvrijheid met goed eten en drinken, en tegelijkertijd ook de neiging om om zaken heen te draaien. In beide culturen laat men niet gauw het achterste van de tong zien. Daarentegen is Limburg natuurlijk erg Duits georiënteerd en dus gestructureerd, perfectionistisch, grondig, en materialistisch.”

Allround musicus
Opgegroeid tussen harmoniekorpsen en carnavalskapellen speelt May Peters (1964) al op jonge leeftijd hoorn in de lokale harmonie. Op haar veertiende verruilt ze de hoorn voor de trombone, waarna ze zich gaat bekwamen in een studie elektronisch orgel. Ze volgt een conservatoriumopleiding in Maastricht en Hilversum, geeft daarna les op muziekscholen en conservatoria, en ontpopt zich tot een allround musicus: van jazz trombone tot keyboard, van Braziliaanse - en salsamuziek tot Big Bands.

Net als provinciegenoot Rieu start de carrière van Peters ook halverwege de jaren negentig wanneer ze Europa rondtoert met het Nederlands/Duitse Glenn Miller Orchestra en het Frans/Engelse Glenn Miller Memorial Orchestra. Regelmatig speelt ze met The New Cool Collective en the Cubop City Bigband. Ze deelt het podium met diverse internationale artiesten zoals saxofonist Boots Randolph, gitarist Path Matheny en salsagrootheden als Trina Medina, Eddie Martínez, en Melconchita.

Hoewel Peters dus van alle markten thuis is, gaat haar muzikale voorkeur toch uit naar latin. Tijdens een optreden met de Venezolaanse Javier Plaza y su Orquesta Son Risa in Parijs speelt ze samen met de Puerto Ricaanse bassist Tomas Pérez. Hij brengt haar in contact met musici van zijn eiland waardoor ze de Caribische markt kan veroveren. Peters besluit Spaans te gaan studeren en ook hierin een onderwijsbevoegdheid te halen. Ze doceert enige jaren Spaans aan de Hogeschool in Utrecht en Tilburg en pakt dan haar oude rol als docent aan het conservatorium weer op maar dit keer in Puerto Rico.

Peters is dan al een graag geziene musicus tijdens jazzfestivals - waaronder North Sea Jazz, Cayenne Jazz Festival in Frans Guyana en het Klaipeida Jazz in Litouwen - en verovert een plek in diverse Latijns-Amerikaanse orkesten en bands zoals Fra Fra Sound, Orlando Watusi, Javier Plaza, Connexión Latina, Kimbiza.

Verbindingsmiddel
Toch werkt Peters graag samen met de lagere sociale klasse uit de maatschappij. “De pure muziek komt, net als zoveel andere kunsten, vaak van arme mensen. Salsa is volksmuziek; het is een manier van leven die ik wil uitdragen. Ik heb op het strand in Puerto Rico regelmatig contact met de salsero’s; de armen uit de achterstandswijken. In hun armoede zoeken mensen een uitlaatklep, verbondenheid. En muziek werkt erg goed als een verbindingsmiddel.”

Delen en verbinden is het levensmotto van Peters. Twee maanden per jaar is ze in Nederland om Latinclinics aan Limburgse fanfares en harmoniegroepen te geven. Dat doet ze eveneens in delen van de wereld waar latin weinig bekendheid geniet. Zo verrijkte ze ook Zuid-Afrika, Estland en Rusland met warme, Zuid-Amerikaanse klanken.

Rolpatronen
Haar optredens in bekende orkesten, waarin ze omringd is door mannelijke musici, stimuleren ook andere vrouwelijke musici in het Caribisch gebied. Haar eerste solo-cd ‘Tributo de Tambor y Trombón en Clave de Mujer Boricua’ is dan ook bedoeld als een hommage aan de vrouwelijke componisten op het eiland. “Ja, voor mij is dit een duidelijk statement”, aldus Peters. “Ik beschouw mijn werk als een handreiking naar emancipatie en gerechtigheid voor vrouwen en democratie in het algemeen. Wat dat betreft zie ik mezelf als een missionaris die ook op dit eiland de rolpatronen wil doorbreken. Ik ben een blanke vrouwelijke trombonist, die haar hele leven aan de muziek gewijd heeft. Bovendien ben ik lesbisch en dus totaal ongevoelig voor al die lofuitingen van de latino-macho’s naar vrouwen. Het machismo gaat gelukkig tegelijkertijd gepaard met galantheid in dit deel van de wereld. Ik voel me hier inmiddels meer Sophia Loren dan ooit tevoren. Dát is dan ook wel weer de invloed van de Cariben”, lacht ze.

“Weet je wat ze hier zeggen? Dat de trombone het meest macho muziekinstrument is. Het is immers él Trombone. Ik vind het lariekoek!Gek genoeg verbinden mensen die niet geëvolueerd zijn, een instrument aan een geslacht. Terwijl de ziel sexloos is. Je toeter is letterlijk een instrument naar louter schoonheid. Als artiest ben je slechts een medium."

“De keuze voor een instrument weerspiegelt vaak het karakter van de muzikant. Zo zijn saxofonisten vaak als mens ook solisten, en laten trompettisten zich privé net zo gelden als haantjes. Trombonisten staan te boek als Bourgondiërs, de levensgenieters. Nou, dat ben ik ten voeten uit, al houd ik er best een Spartaanse levenswijze op na! Dagelijks drie uur trombone studeren, een uur mediteren, en dan 50 km fietsen. Ik doe zoveel tegelijk dat ik soms te weinig tijd heb om écht te genieten.”

Naast het musiceren en arrangeren, is Peters correspondent voor Caribemagazine en muziekrecensist voor het Antilliaans dagblad. Haar ervaringen in Puerto Rico heeft ze beschreven in artikelen en brieven aan het thuisfront, die gebundeld als reisboek is uitgegeven: ¡Música, maestra!. Wanneer op 3 november de officiële presentatie van haar cd in het Arriví theater in San Juan, Puerto Rico achter de rug is, zal ze zich vol overgave storten op de opnames van een tweede cd. Peters: “Die zal geheel gewijd zijn aan de bolero. Corta vena noemen ze het in Puerto Rico: aderen doorsnijdend. Dat klinkt dramatisch en theatraal, en past goed bij mijn levensstijl.”

 

 

Reageer

  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <i> <strong> <b> <cite> <blockquote> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd> <h2> <h3> <h4> <hr>
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.

Meer informatie over formaatmogelijkheden

By submitting this form, you accept the Mollom privacy policy.