               |
|
 |
Solidariteitskomitee
Mexico
opgeheven
sinds maart 1998, disuelto desde Marzo de 1998
|
|
Chronologie
van gebeurtenissen in Mexico en Chiapas
van 1 April 1998 tot en met 30 April 1998
|
Afkortingen tussen haakjes achter de plaatsnamen verwijzen naar
de namen van de volgende Mexicaanse deelstaten:
(BC)= Baja California
(Ch)= Chihuahua
(Chia)= Chiapas
(Gu)= Guerrero
(Jal)= Jalisco
(Me)= Estado de México
(Mo)= Morelos
(NL)= Nueva León
(Oa)= Oaxaca
(Pue)= Puebla
(Que)= Querétaro
(SLP)= San Luis Potosi
(Ta)= Tabasco
(Ver)= Veracruz
APRIL 1998
1 april
De bemiddelingscommissie CONAI zegt een geplande ontmoeting met regeringsonderhandelaar
Emilio Rabasa Gamboa af. Dit is het antwoord van de CONAI op beschuldegingen
van de regering dat de CONAI probeert het conflict in Chiapas te `internationaliseren',
door buitenlandse ONG's en regeringen op te roepen tot het uitoefenen
van druk op de Mexicaanse regering om het getekende Akkoord van
San Andrés uit te voeren. Bovendien zou de CONAI, aldus
de regering, door het verwerpen van het voorstel tot Grondwetswijziging
van de regering partij kiezen in het conflict. Ondertussen zijn de
parlementsfracties van PAN en PRI druk bezig om het presidentiële
wetsvoorstel over Indianenrechten en -cultuur te bediscussiëren
opdat voor het eind van deze maand de definitieve versie ingediend
en aangenomen kan worden.
2 april In Chiapas wordt Julio César Santiago Díaz,
een gepensioneerde legergeneraal die de laatste tijd werkzaam was
als chef van de deelstaatspolitie, opgepakt. Santiago was tijdens
het bloedbad van 22 december 1997, in Acteal (Chia), met een vijftigtal
agenten op honderd meter van het dorp verwijderd en greep, gedurende
de vijf uur dat het bloedbad duurde, niet in. Hij is opgepakt op beschuldiging
van "verontachtzaming van zijn taak".
3 april In het dorp Aguacate, in de regio Las Loxichas (Oa),
doet de deelstaatpolitie een inval in het huis van Calixto García
López en zijn familie. Zijn huis wordt overhoop gehaald en
García wordt vervolgens afgevoerd. Aan het eind van de dag
laat de politie weten een confrontatie met een EPR-eenheid te hebben
gehad, waarbij "het EPR-lid" García sneuvelt. De zoveelste
standrechtelijke executie in deze streek, wiens bewoners er door de
politie van verdacht worden grote sympathie voor het EPR te hebben.
In een buitenwijk van San Cristóbal de las Casas (Chia) wordt
een wethouder van de PRI-gezinde gemeente San Juan Chamula aangehouden,
die een aantal granaten en geweren in zijn bezit heeft. Mensenrechtenorganisaties
waarschuwen voor het opbouwen van een wapenarsenaal door de PRI-isten
in die gemeente, met de bedoeling op termijn alle protestanten (in
grote meerderheid ook PRD-aanhangers), het dorp uit te kunnen gooien.
In San Juan Chamula zijn al jarenlang zwaarbewapende doodseskaders
actief die nauw samenwerken met de plaatselijke (PRI) overheden. Vijf
dagen later zullen meer dan 1.000 soldaten en agenten een grootschalige
doorzoekingsoperatie uitvoeren in verschillende wijken aan de noordkant
van San Cristóbal.
4 april In de Sierra de Atoyac (Gu) is Epifanio Hernández
Vélez weer benoemd tot politiechef. In de jaren zeventig was
Hernández verantwoordelijk voor de `verdwijning' van 400 boeren
in die streek, in de strijd die de toenmalige regering voerde tegen
de boerenguerrillaorganisatie Partido de los Pobres, geleid
door Lucio Cabañas Barrientos. Hernández, heeft volgens
de lokale PRD, nu als taak de intimidatie van de PRD-aanhang te coördineren.
7 april De boerenorganisatie OCEZ maakt bekend dat lokale caciques
in de gemeente Ángel Albino Corzo (Centraal Chiapas), middels
door hen onderhouden guardias blancas, Romaldo León
Aguilar hebben laten vermoorden en Martín Pérez hebben
ontvoerd. Beide zijn lid van de OCEZ. De afgelopen jaren zijn er al
35 leden van de OCEZ, die sympathiseert met het EZLN, vermoord.
De bemiddelingscommissie CONAI maakt bekend dat het Mexicaanse leger
sinds het bloedbad in Acteal 28 nieuwe kampementen heeft ingericht,
en het aantal gestationeerde soldaten met 5.000 verhoogd heeft, tot
65.000. Die gelegerde troepen hebben de laatste drie maanden 200 operaties
uitgevoerd in Zapatista gezinde dorpen. In het rapport van de CONAI
wordt tevens melding gemaakt van het feit dat het leger en de presidentiële
lijfwacht 4.500 politieagenten in de deelstaat Chiapas zullen gaan
trainen in oproer- en opstandsbestrijding. Voor de uitbreiding en
verbetering van de bewapening van het politieapparaat zal 60 miljoen
pesos (12 miljoen gulden) uitgetrokken worden.
Het EPR laat in een communiqué weten dat het op geen enkele
wijze met de overheid in dialoog wil treden. Dit communiqué
is het antwoord op de oproep van de PAN-kandidaat voor de gouverneursverkiezingen
van dit jaar in de deelstaat Oaxaca. Tevens verdedigt het EPR de terechtstelling
in de regio Las Loxichas (Oa) van verraders en overlopers die met
de regering zouden zijn gaan samenwerken. Ook verwerpt het EPR de
opstelling van de Mexicaanse regering en de politieke partijen PRI
en PAN vanwege hun betrokkenheid bij het opstellen van een alternatief
wetsvoorstel over Indianenrechten en -cultuur.
10 april Op de 79e herdenkingsdag van de moord in 1917 op boerenleider
Emiliano Zapata vinden in heel Mexico demonstraties van Indianen-
en boerenorganisaties plaats. Het Congreso Nacional Indígena
demonstreert op de zócalo in Mexico-Stad, onder het
motto Indiaanse Opstand voor de Vrede tegen het wetsvoorstel
van president Zedillo en voor nieuwe landverdeling en herstel van
de wettelijke bescherming voor het collectieve grondbezit. Het CNI
ondersteunt de eis van het EZLN dat het Akkoord van San Andrés
gerespecteerd en uitgevoerd moet worden. Vandaag worden ook een groot
aantal autonome gemeenten uitgeroepen in de diverse delen van het
land waaronder: Juchitán, San Juan Copala, San Juan Lalana,
San Agustín Loxichas, Guevea de Humboldt, in Oaxaca; Zaragoza,
Soteapán, Mecayapán, in Veracruz; en Rancho Nuevo de
la Democracia, Metlatónoc, Tilapa, Mixtecapa, Potoichán,
Chilixtlahuaca, Hueycantenango, Marquelia, Alto Balsas, in Guerrero.
In het dorp Taniperlas wordt door de lokale, Zapatista gezinde, bevolking
een autonome gemeente uitgeroepen, die vernoemd wordt naar de Mexicaanse
anarchist van begin deze eeuw Ricardo Flores Magón.
11 april Een invasiemacht van 800 leden van politie, leger
en vreemdelingenpolitie valt de autonome gemeente Ricardo Flores Magón
binnen. Er worden 12 buitenlandse waarnemers aangehouden en direct
de volgende dag het land uitgezet met het verbod om nog ooit terug
te keren naar Mexico. Eveneens worden er negen inwoners van Taniperlas,
waaronder nieuw direct-gekozen bestuurders, op aanwijzing van aldaar
wonende PRI-isten opgepakt. Een groot aantal huizen wordt doorzocht.
Deze operatie kan duidelijk gezien worden als de ten uitvoer brenging
van het nieuwe beleid van de Mexicaanse regering [zie ook 15 febr.
'98]. Een aanzienlijke eenheid van het leger slaat zijn kamp op in
de `ontmantelde' autonome gemeente, vernield een podium en sloopt
en plundert het nieuw gebouwde `gemeentehuis'.
12 april Op de grens van de deelstaten Morelos en Puebla schieten
politieagenten vijf boeren dood die op eigen houtje hout aan het kappen
zijn. Standrechtelijk executeren is blijkbaar minder papierwerk als
een proces verbaal opmaken.
De in Taniperlas opgepakte mensen [zie 11 april '98] worden beschuldigd
van "vernieling, lidmaatschap van een criminele organisatie, diefstal,
oneigenlijke toeëigening van gezag en verdrijving". Vandaag worden
er in Taniperlas nog zeven Zapatista-aanhangers opgepakt. Driehonderd
Zapatista-aanhangers die in Taniperlas demonstreren tegen de bezetting
van het dorp door militairen en politie, de uitzetting van 12 buitenlanders
en de arrestatie van negen dorpsgenoten, worden door de aanwezige
militairen en politie met traangas verdreven. De Zapatista gezinde
mannelijke bewoners zoeken onderdak in omliggende dorpen nadat leden
van het doodseskader Movimiento Indígena Revolucionario
Antizapatista (MIRA [Revolutionaire Indiaanse Antizapatistische
Beweging]) de PRI-aanhangers in het dorp zijn komen versterken.[chia1304
& 1404.98]
13 april Duizenden aanhangers van het EZLN verzamelen zich
in de 38 hoofdplaatsen van de `autonome gemeenten in opstand'. De
aanwezigen stellen dat ze hun zelfgekozen gemeentebesturen en de hen
ter beschikking staande gebouwen, met lijf en leden zullen verdedigen.
In Suchiate (Chia) maakt zich tijdens een persconferentie een nieuw
doodseskader bekend: Grupo Armado Carrancista (GAC [Bewapende
Carranzistische Groep]), vernoemd naar de Mexicaanse president die
Emiliano Zapata in 1917 liet vermoorden]). Het GAC beweert uit 7.000
bewapende en getrainde mannen te bestaan, die naar eigen zeggen voorheen
deel uit maakten van het EZLN, en een eind willen maken aan de activiteiten
van de oppositionele boerenorganisatie OPEZ.
14 april Eenheden van het Mexicaanse leger voeren rondom La
Realidad (Chia), het `hoofdkwartier van de Zapatistas', patrouilles
uit. De hele dag is de dorpsbevolking in verhoogde staat van paraatheid.
In het dorp 10 de Abril (Chia) valt een macht van 300 soldaten
en agenten binnen. Bewoners die hen proberen tegen te houden worden
met traangas en knuppelslagen verdreven. Vervolgens worden één
dorpsbewoners en drie Noorse waarnemers opgepakt (die de volgende
dag het land uit worden gezet), praktisch alle huizen doorzocht en
geplunderd, de medische post wordt kort en klein geslagen en de medicijnen
onbruikbaar gemaakt en de coöperatieve winkel wordt helemaal
leeggehaald.
15 april De gouverneur van Chiapas, Roberto Albores Guillen,
beweert in een interview met buitenlandse journalisten dat er helemaal
niet al 38 Zapatista-gezinde `autonome gemeenten' zijn opgericht in
zijn deelstaat. Daarnaast stelt hij nog: "We hebben niets tegen buitenlanders
- we zijn een zeer gastvrije natie - maar ze moeten zich wel aan de
wet houden". 't Is maar hoe je de wet uitlegt.
De Chiapaneekse vreemdelingenpolitie (migra) houdt nu ook buitenlanders
aan die ze aantreffen in dorpen "waarvan men kan aannemen dat die
geen toeristische waarde hebben". De laatste tijd zijn er zo'n 450
buitenlanders in `niet-toeristische dorpen' aangehouden en ondervraagd,
aldus een woordvoerder van de migra. De woordvoerder ontkent
dat de migra met een zwarte lijst van ongewenste buitenlanders
werkt. Dat is een pertinente leugen. Twee jaar geleden hield de migra
al lijsten bij van buitenlanders die zij er van verdacht uit niet
toeristische overwegingen in Chiapas te zijn. 17 april De Chiapaneekse
boerenorganisatie ARIC-independiente laat in een verklaring
weten dat ze zich aansluit bij de bases de apoyo van het EZLN
die bij toerbeurt hun autonome gemeentehuizen bewaken [zie ook 13
april '98].
In Putla de Guerrero (Oa) bezetten leden van de onafhankelijke boerenorganisatie
Consejo Indígena y Popular de Oaxaca Ricardo Flores Magón
(CIPO-RFM [Indianen en Volksraad van Oaxaca RFM]) het gerechtsgebouw
en het Openbaar Ministerie. Ze eisen de vrijlating van een aantal
leiders van diverse oppositionele organisaties, die zich inzetten
voor het oprichten van `Autonome Gemeenten in Opstand', naar het voorbeeld
van de Zapatistas in Chiapas. Met grof geweld worden de bezette panden
ontruimd, 90 mensen worden opgepakt (waarbij het grootste deel gewond
raakt) en er vallen twee doden.
Vier leden van de onafhankelijke basisorganisatie Organización
de Pueblos y Colonias de Guerrero (OPCG) worden na 21 maanden
gevangenschap vrijgelaten. Zij werden op 6 juli 1996 opgepakt. Vervolgens
gefolterd en gedwongen tot het ondertekenen van een bekentenis, waarin
ze toegaven EPR-lid te zijn en geld te hebben ontvangen van het PRD-lid
van het deelstaatsparlement van Guerrero, Ranferi Hernández Acevedo
(die najaar 1997 asiel aanvroeg en kreeg in Frankrijk), om deel te
nemen aan de EPR-eenheid die op 28 juni 1996 tijdens de herdenkingsplechtigheid
in Aguas Blancas (Gu) het bestaan van het EPR bekend maakte.
19 april In Atoyac (Gu) wordt de PRD-leider Oscar Rivera Leyva
midden op straat doodgeschoten door een soldaat in burger.
Ten Noorden van het dorp El Bosque (Chia) wordt een politie-patrouille
door onbekenden onder vuur genomen. Één agent komt om
het leven. De daders nemen de benen.
De PRD onderhandelt met de PAN over de te volgen strategie met betrekking
tot het wetsontwerp van president Zedillo met betrekking tot Indianen
Rechten en Cultuur. De PAN wil meewerken aan de totstandkoming van
dat wetsontwerp. De PRD heeft tot nu toe gezegd dat het alleen het
wetsvoorstel van de bemiddelingscommissie COCOPA, dat anderhalf jaar
geleden werd opgesteld (geaccepteerd door het EZLN en verworpen door
de regering), aanvaardt. Vandaag zegt de PRD, bij monde van zijn voorzitter
López Obrador, dat het mee wil werken aan een politiek akkoord
m.b.t. die wetgeving.
COCOPA-leden van de PRD, PAN en PRI maken bekend dat ze de Zapatistische
autonome gemeenten in opstand als illegaal aanmerken. Het parallel
functioneren naast de officiële gemeentebesturen is in strijd
met de Grondwet, verdeelt de gemeenschappen en veroorzaken verhoogde
spanning in het gebied. Politici blijven politici en zien duidelijk
een bedreiging van hun `legitimiteit' in de opgerichte autonome gemeentebesturen,
die buiten de bemoeienis van de politieke partijen om tot stand zijn
gekomen. De tijdelijke (PRD-)voorzitter van de COCOPA, Gilberto López
y Rivas, daarentegen erkent het bestaansrecht van de autonome gemeenten.
20 april De Duitser Zoren Nagel wordt als `ongewenste vreemdeling'
door de Mexicaanse vreemdelingenpolitie op het vliegtuig naar Duitsland
gezet. Hij zou "ondersteunende activiteiten voor het EZLN" hebben
ondernomen.
Emilio Rabasa Gamboa, regeringsonderhandelaar met het EZLN, verzekert
vandaag dat "het beste signaal dat het EZLN kan geven, om zijn bereidheid
tot onderhandelen te tonen, het intrekken van de vijf basiseisen voor
hervatting van de `dialoog' is en ze op te nemen in de agenda voor
de te hervatten dialoog". Eveneens stelt hij dat "de beste wijze waarop
het EZLN invloed kan uitoefenen op de (presidents)verkiezingen van
2000, is door zich om te vormen tot politieke partij, omdat het in
de situatie waarin het zich momenteel bevindt geen invloed kan uitoefenen".
De dagelijkse leiding van het EZLN zwijgt wijselijk al sinds haar
laatste communiqué van afgelopen 1 maart. De regering heeft
iedere weg tot heropening van de `dialoog' definitief dichtgetimmerd
met het wetsvoorstel waarmee ze gekomen is.
22 april De kerkelijke bemiddelingscommissie CONAI laat, via
zijn voorzitter bisschop Samuel Ruíz, in een verklaring weten
dat ze zich nooit vastgelegd heeft om neutraal te zijn "want men kan
niet onverschillig blijven tegenover zoveel onrecht, leugens en niet
nagekomen afspraken".
23 april Drieduizend EZLN-aanhangers trekken in een karavaan
naar het dorp Taniperlas (Chia) om het vertrek van de aldaar sinds
10 april gelegerde troepen en politie te eisen. Tevens eisen ze de
ontmanteling van het doodseskader MIRA [zie ook 12 april '98].
24 april In de gemeenschap Los Platanos (Chia) wordt een PRI-ist
door onbekenden doodgeschoten. Zes dagen geleden is ook al een PRI-ist
uit dit dorp doodsgeschoten. Als gevolg daarvan heeft een groep van
34 Zapatista-families uit dat dorp zijn toevlucht gezocht in omliggende
dorpen. De PRI-aanhangers in Los Platanos bedreigen hen met vuurwapens.
Het Mexicaanse Leger probeert vervolgens in het dorp Yuquín,
waar een deel van de vluchtelingen zijn toevlucht heeft gezocht, een
militair kampement op te richten, wat door de plaatselijke bewoners
voorkomen wordt. In de buurt van Los Platanos worden 6 Zapatista-aanhangers
(waaronder 2 kinderen) door PRI-isten opgepakt en na ernstige dreigementen
overgedragen aan de politie. Vier dagen later worden nog drie Zapatista-gezinde
mannen in gijzeling genomen door de PRI-isten.
Regeringsonderhandelaar voor het conflict in Chiapas, Emilio Rabasa
Gamboa, stelt voor de CONAI maar op te heffen, "aangezien het zijn
convocatieve waarde heeft verloren". De bemiddelende functie zou overgenomen
moeten worden door de COSEVER. Dat is de Commissie voor Voortgang
en Verificatie, die de uitvoering van het Akkoord van San Andrés
had moeten controleren, maar sinds zijn oprichting in december 1996,
nooit aan het werk is gegaan, omdat de `dialoog' kort daarna, tot
op de dag van vandaag, werd opgeschort [zie januari 1997].
26 april PRI-isten uit 19 Chiapaneekse dorpen, tegen de Guatemalteekse
grens aan gelegen, vormen een coalitie en eisen dat de deelstaatsregering
optreed tegen de bestuurders van de autonome gemeente in opstand Tierra
y Libertad, omdat die zijn eigen wetten zou opleggen aan diegenen
die de autonome gemeente niet erkennen (de PRI-isten dus).
Rigoberta Menchú, de Guatemalteekse die in 1992 de Nobelprijs
voor de Vrede kreeg, meent zich ook te moeten bemoeien met de vastgelopen
`dialoog' in Chiapas. Met betrekking tot de onbuigzame houding van
het EZLN zegt ze: "Het is een fout om te zeggen: er kan geen komma
verandert worden aan het Akkoord van San Andrés". Over het
presidentiële wetsontwerp meldt ze het volgende: "Dat is van
groot belang, met name omdat het de eerste keer is dat een staatshoofd
met een voorstel over deze materie komt". Ook de voorstellen van de
rechts-oppositionele PAN en de Oaxacaanse gouverneur vindt ze heel
belangrijk en doordacht. Over hielen likkerij gesproken [Menchú
verbleef jaren als politiek vluchtelinge in Mexico].
27 april Het Ministerie van Binnenlandse Zaken is een strafrechtelijk
onderzoek begonnen tegen de kerkelijke mensenrechtenorganisatie Fray
Bartolomé de Las Casas. De organisatie wordt ervan beschuldigd
buitenlanders waarnemers-accreditaties te verstrekken. Dat klopt.
Fray coördineert de bemensing van de waarnemerskampjes in de Zapatista-
of gemengdgezinde dorpen in het conflictgebied in Chiapas. Zonder
die pasjes (met foto en vingerafdruk en handtekening van bisschop
Samuel Ruíz) kun je niet als waarnemer naar een dorp. Het pasjessysteem
is bedoeld om de kans op infiltranten/informanten van de regering
zo klein mogelijk te houden. Het ministerie meent dat Fray met het
uitgeven van deze pasjes, verkapte waarnemersvisa verstrekt, "zich
wederrechtelijk overheidsbevoegdheden toeëigend". Duidelijk is
dat de Mexicaanse regering op deze wijze de coördinatie van waarnemerskampjes
wil frustreren.
Onbekenden openen het vuur op politieagenten die onderweg zijn naar
het dorp Los Platanos (Chia), waar ze autopsie op het lijk van de
drie dagen geleden doodgeschoten PRI-ist willen uitvoeren. Er vallen
één dode en vijf gewonden. De PRI-burgemeester van Los
Platanos beschuldigt het EZLN van de aanslag.
In Oaxaca-Stad (Oa) maakt zich een nieuwe gewapende groep bekend.
In verschillende delen van de stad verspreiden mensen een communiqué
van het Ejército Indígena Revolucionario de Liberación
Nacional (EIRLN [Revolutionair Indiaans Leger voor Nationale Bevrijding]).
Onder het merkwaardige motto matar o morir [doden of sterven]
schrijft het Algemeen Commando van deze groep het volgende: "We zijn
het machtsmisbruik, de arrestaties en het onrecht zat. Daarom willen
we dat ze [de regering] al onze gevangenen in de hele republiek vrij
laat. Niet de bevolking is schuldig, maar de regering, de caciques
[bonzen] en de grootgrondbezitters. Wij zijn degenen zonder naam,
degenen zonder gezicht, de bezitslozen. We zullen, als het moet, ons
leven geven opdat op een dag alles anders zal zijn. Die dag zullen
wij niet meer meemaken, daarom maken we ons nu bekend aan de regering,
om met die `ratten' af te kunnen rekenen, die alles jatten, die denken
dat ze de enigen zijn die tellen op deze wereld, voor wie het volk
niet bestaat". De herkomst en ideeën van deze groep, die zegt
te strijden voor "democratie en gerechtigheid", zijn verder onbekend.
Of de groep banden heeft met het EPR is ook niet bekend. Het zou ook
kunnen zijn dat het communiqué uit de koker van de veiligheidsdiensten
komt. Over een paar maanden vinden er verkiezingen plaats in Oaxaca.
Zo'n `nieuwe groep' is een mooi excuus om de repressie tegen een groot
aantal oppositionele groepen en partijen nog verder op te voeren.
28 april President Zedillo bezoekt diverse gemeenten in Chiapas
en voert daar een slecht stuk theater op. In een toespraak verwijst
hij indirect naar de vastgelopen `dialoog' met het EZLN: "Zij hebben
ons gezegd dat ze zeer begaan zijn met het lot van de Indianen, [...]
ze zeggen dat ze willen vechten om de levensomstandigheden te verbeteren.
Met dat alles kan ik het alleen maar eens zijn. Maar waar ik niet
akkoord mee kan gaan [...], is dat deze strijd die zo nobel, humaan
en legitiem lijkt, kracht bijgezet wordt met het dreigen met geweld".
Dat is weer eens fraai staaltje hypocrisie.
Tijdens het begin van de Vierde Nationale Vergadering van het Indiaans
Nationaal Congres (CNI [een platform van Indiaanse organisaties uit
heel Mexico, die sympathiseren met het EZLN])in Mexico-Stad, maken
bewoners uit het dorp Santiago Tianguistenco (Me) bekend dat ze een
autonome gemeente hebben opgericht. Het CNI voert al langer campagne
om, in navolging van de Zapatistas, autonome gemeenten op te richten.
30 april Een officier van het Mexicaanse leger wil vandaag
blijkbaar de eisen van de Zapatistas een steuntje in de rug geven.
In staat van dronkenschap (volgens de legerwoordvoerder) schiet hij,
op een basis vlakbij Comitán (Chia), 12 soldaten dood en verwondt
er 7.
In Mexico-Stad komt een delegatie van mensenrechtenwaarnemers uit
Italië aan. Zij zullen het conflictgebied bezoeken en een rapport
over de mensenrechtensituatie opstellen.
Het EPR voert een propaganda-actie uit in Oaxaca-Stad (Oa), verspreidt
zijn tijdschrift Insurgente en spuit pro-EPR leuzen op muren.
Samenstelling en
vertaling:
ZAPATA, Mexico Nieuwsdienst
Postbus 16578, 1001 RB, Amsterdam
email:resiste@dds.nl
http://www.noticias.nl/prensa/zapata
anti-Copyright, April 1998
Overname aanbevolen, onder vermelding van bron
|
|