Solidariteitskomitee Mexico
opgeheven sinds maart 1998, disuelto desde Marzo de 1998

Solidariteitswerk tot welke prijs?
Over de kritiekloosheid in de solidariteitsbeweging met de Zapatistas

Amsterdam, April 1998: Een jaar geleden ontbond het Amsterdamse Solidariteitskomitee Mexico zichzelf. Toenemende kritiek op de opstelling van de leiding van het Zapatista Leger voor Nationale Bevrijding en met name de bijna volstrekte kritiekloosheid en voortschreidende institutionalisering in de internationale solidariteitsbeweging met de Zapatistas heeft geleid tot deze beslissing. Een aantal van ons had geen zin om door te gaan met oogkleppen op, zoals maar al te vaak in het verleden wel gebeurd is. Wij hadden ons een kritischer houding voorgesteld van allen die internationaal bij dit werk betrokken waren. Maar blijkbaar heeft men niets of weinig geleerd van de fouten waar solidariteitsbewegingen in het verleden (en het heden) maar al te vaak aan geleden hebben en lijden. Deze evaluatie is tevens een oproep om de oogkleppen af te gooien en stil te staan bij datgene waarmee je bezig bent.

Deze onvolledige poging tot evaluatie van onze activiteiten en standpunten gedurende de afgelopen 4 1/2 jaar dat we actief zijn geweest, is het produkt van één van de drie overgebleven leden van ons Komitee. Deze evaluatie bevat dus niet (per sé) de ideeën van al die andere mensen die in het verleden in ons Komitee actief zijn geweest. Deze tekst werd aanvankelijk in november 1998 geschreven en afgedrukt als voorwoord bij een brochure (1) die ondergetekende samenstelde. In die versie werd de suggestie gewekt dat de tekst het produkt was van de drie resterende leden van het Solidariteitskomitee. De twee andere leden hadden de tekst gelezen en van commentaar voorzien, dat daarop in de tekst verwerkt was. Maar de tekst was toen, en is nu in de huidige vorm, een weergave van mijn ideeën. Die overlappen deels met die van de andere leden, maar wijken ook op sommige vlakken af.
Wij hebben van 1994 tot 1998 geïnteresseerde mensen in Nederland via verscheidene media ( zoals e-mail, website, ons tijdschrift ZAPATA, Mexico Nieuwsbrief, info-bijeenkomsten en radio- en televisieprogramma's) van informatie voorzien over de toestand in Mexico. Tevens organiseerde het Solidariteitskomitee Mexico diverse acties in verschillende steden. Ons Komitee werd kort na het uitbreken van de opstand van het Zapatista Leger voor Nationale Bevrijding (EZLN) in de Mexicaanse deelstaat Chiapas opgericht. Aanvankelijk was het Komitee een platformorganisatie, maar al na drie maanden (april '94) waren we uitgedund tot een groepje (merendeels anti-autoritaire) individuen. Gedurende de afgelopen 41/2 jaar heeft dit kleine groepje solidariteit niet begrepen als (puur) humanitair werk of als een soort blinde fellow-traveller-achtige solidariteit, waarin geen ruimte is voor een eigen politieke mening en kritiek. We hebben al die tijd onze eigen visie op de ontwikkelingen in Mexico, op de verklaringen die door de leiding van de Zapatistas (CCRI-EZLN) naar buiten werden gebracht, en op de wijze waarop het Europese solidariteitsnetwerk draaide, trachtten te formuleren en te uiten.

Het begin
Toen we begonnen (in januari '94) voelden ik me aangetrokken door de anti-autoritaire houding die sprak uit de communiqués van het EZLN. Ik kon ook hun afwijzing van het veroveren van de macht waarderen. Net zo als hun weigering deel uit te gaan maken van deze materialistische wereld waarin alles en iedereen wordt gereduceerd tot zijn of haar economische waarde, of zijn of haar capaciteit tot het generen van winst. Ik zag veel van mijn eigen ideeën en visies weerspiegeld in de wijze waarop zij tegen de huidige geglobaliseerde maatschappij aankeken, en in de wijze waarop zij tegen `politiek' bedrijven en het komen tot basisdemocratische besluitvorming aankeken. Sommigen onder ons stonden echter sceptischer tegenover het Zapatista credo mandar obedeciendo [gehoorzamend besturen] en zulke tegenstrijdigheden als hun gedweep met de Mexicaanse nationale vlag, en de oproepen die zij deden aan de "regeringen van de wereld", zoals die in veel van hun communiqués opdoken. Maar hoe het ook zij, ik geloofde in hun potentie om radicale verandering te weeg te kunnen brengen.

Strijd om en tegen de macht in Europa
Sinds 1995 begonnen we deel te nemen aan het Europese solidariteitsnetwerk met de Zapatistas, dat eind 1994 tot stand was gekomen en vanaf februari 1995 (de invasie van het Mexicaanse leger in het Zapatista-gebied) meer en meer vorm begon te krijgen. We bezochten meerdere inter-Europese bijeenkomsten van dat netwerk. Vanaf de herfst van 1995 begon bij enkelen van ons, waaronder ik, de twijfel te groeien over de samenstelling en koers van het Europese netwerk. Op bijeenkomsten van het Europese netwerk hoorden we (in de wandelgangen) verhalen over groepen die poogden het solidariteitswerk in hun respectievelijke stad of regio te monopoliseren. Bijvoorbeeld: de Unión Mexicana En Suiza (UMES [de Unie van Mexicanen in Zwitserland], uit Zürich) bedreigde een andere groep (Solidaridad Directa, voortgekomen uit de autonome scene in Zürich) die ook solidariteitsactiviteiten ontplooide. Vreemd genoeg wilden de mensen van Solidaridad Directa, die ons vertelden over bedreigingen, intimidatie en ander autoritair gedrag dat tegen hen werd gericht, het UMES-`lidmaatschap' van het Europese netwerk niet ter discussie stellen tijdens de Europese netwerkbijeen-komsten.
Eveneens maakten we in september 1995 de mislukte poging tot `staatsgreep' mee van een netwerk van Italiaanse groepen. Zij organiseerden, drie maanden voor de afgesproken datum, een Europese bijeenkomst in Brescia (Italië) met als doel de oprichting van een Europees centraal-secretariaat, dat de solidariteits-campagnes en de inkomende en uitgaande informatie zou moeten gaan `coördineren'. Het merendeel van de Europese groepen was niet aanwezig op de bijeenkomst in Brescia, omdat ze niet aanwezig konden of wilden zijn. De niet-Italiaanse groepen (± 5) die aanwezig waren begrepen weinig van het besprokene aangezien de meeste discussies in het Italiaans (± 30 groepen aanwezig) plaatsvonden, hoewel normaal gesproken Spaans de voertaal is tijdens deze bijeenkomsten. Drie maanden daarvoor (in juni 1995) was dit zelfde voorstel verworpen door de overgrote meerderheid van de Europese groepen die aanwezig waren op de Europese netwerkbijeenkomst in Barcelona. Na een stormvloed van woedende reacties uit heel Europa stierf het centrale secretariaat een stille dood. Maar vreemd genoeg werd deze poging tot `staatsgreep' niet openlijk gekritiseerd tijdens de eerstvolgende Europese netwerkbijeenkomst in Parijs (januari 1996). Alle interne meningsverschillen dienden te worden begraven ten gunste van het hogere doel (het solidariteitswerk voor de Zapatistas). Je zou je kunnen afvragen wat het nut is van het ondersteunen van anti-autoritaire strijd wanneer je deel uitmaakt van een netwerk waarin een stel volstrekt autoritaire en centralistische groepen, keer op keer trachtten hun ideologie en plannen op te leggen aan alle anderen.
Enige maanden later, in maart 1996, gebeurde bijna hetzelfde, toen de Europese Continentale Bijeenkomst voor de Mensheid en tegen het Neoliberalisme door het Europese netwerk werd gepland en voorbereid. Terwijl groepen uit Duitsland, en met name Berlijn, al bezig waren deze Bijeenkomst voor te bereiden (zoals was overeengekomen tijdens de Europese bijeenkomst in Parijs), deed een Italiaans netwerk (hetzelfde als het al eerder vermelde) opnieuw een poging tot `staatsgreep'. Het kondigde aan dat de Bijeenkomst zou gaan plaatsvinden in Milaan (Italië). Het argument dat zij aanvoerden voor de stelling dat die aankondiging niet meer terug te draaien was, was dat de Bijeenkomst al overal (in Italië) was aangekondigd. De Europese groepen van buiten Italië (en enkele van de niet-Stalinistisch groepen uit Italië) lieten zich niet intimideren en verklaarden unaniem dat er in Italië geen Bijeenkomst zou plaatsvinden. De Stalinistische Italianen haalden bakzeil en er verscheen bijna geen één Italiaanse Stalinist tijdens de Bijeenkomst die uiteindelijk toch in Berlijn plaatsvond (van 31 mei tot 2 juni 1996).

Groeiende twijfels
Daarna organiseerde het EZLN eind juli - begin augustus 1996 de Intercontinentale Bijeenkomst voor de Mensheid en tegen het Neoliberalisme, die plaatsvond in vijf dorpen in het bastion van de Zapatistas, in het Lacandon-oerwoud in Chiapas. De wijze waarop deze Bijeenkomst werd georganiseerd en plaatsvond was aanleiding tot een hoop kritiek onder de deelne(e)m(st)ers. Maar zoals altijd bijna alleen maar mondeling en dan nog intern onder elkaar. Kritiek spuien is iets dat schijnbaar niet openlijk gedaan mag worden. Wij hebben erg weinig kritische analyses van de Bijeenkomst gezien in de bladen en artikelen die door solidariteitsgroepen en deelne(e)m(st)ers werden uitgegeven of geschreven.
Voor, tijdens en kort na de Bijeenkomst was er veel kritiek op: de bureaucratische organisatie; de autoritaire voorzit(s)ters van de werkgroepen tijdens de Bijeenkomst; het gebrek aan discussie in de werkgroepen vanwege het opgelegde programma van voor te dragen, eindeloos elkaar herhalende bijdragen; de volstrekt oppervlakkige en generaliserende samenvattingen van de verschillende werkgroepen (die het bestaan en de aanwezigheid van afwijkende meningen in de werkgroepen verdoezelden); en de spectaculaire instrumentaties waaraan de deelne(e)m(st)ers werden onderworpen door de Zapatistische organisatie (urenlang in de brandende zon zittend, terwijl er gewacht wordt op de komst van de nieuwe messias, subcomandante Marcos). Het was schokkend om te zien hoeveel mensen hun verstand verloren - als ze dat al hadden - zodra Marcos ergens verscheen. Hele groepen zetten het op een rennen, met hun camera's in de aanslag, om die ENE foto te kunnen schieten - waar ze misschien voor gekomen waren. Ook waren er veel deelne(e)m(st)ers die vraagtekens zetten bij de aanwezigheid van EZLN-vertegenwoordig(st)ers in de werkgroepen. Bij de meeste werkgroepen leken ze niet echt aanwezig te zijn. Ze namen weinig of geen deel aan de discussies. Ze zaten daar maar en velen vielen in slaap (net zoals vele andere deelne(e)m(st)ers, aangezien het zo slaapverwekkend was om twee dagen lang te moeten luisteren naar de van te voren op papier gezette discussiebijdragen), en zij lazen hun discussiebijdragen voor (die hen gegeven waren?). Vaak leek het erop dat ze niet begrepen waarover de discussies gingen. Waren ze slechts als decorum naar de werkgroep gestuurd? Hielden de overige (niet-EZLN) deelne(e)m(st)ers rekening met het feit dat ze zich in eenvoudige taal dienden uit te drukken, zonder allerlei intellectuele hoogstandjes en zinsconstructies, opdat mensen die weinig of geen onderwijs hebben genoten het konden volgen en konden deelnemen aan de discussies? Vragen en nog meer vragen. Veel kritiek, maar praktisch niemand publiceerde er iets over (2) .

Onze moeilijkheden
Wij hebben naar ons beste kunnen gepoogd om de mening van onszelf, en die van compañer@s uit de rest van Europa, over de ontwikkelingen in Mexico en in het solidariteitsnetwerk te uiten. Ons onregelmatig verschijnende blad ZAPATA, Mexico Nieuwsbrief ontwikkelde zich van een doorgeefluik van informatie over basisdemocratische strijd in Mexico in het algemeen, en die van de Zapatistas in het bijzonder, tot een tijdschrift dat vraagtekens zette bij een hoop ontwikkelingen en dat openlijk kritiek uitte op bepaalde meningen en manoeuvres van het EZLN en ontwikkelingen in het Europees solidariteitsnetwerk.
We zagen ons geconfronteerd met vele problemen en pijnlijke situaties. Uiteraard hebben wij zelf ook fouten gemaakt. We hebben informatie verspreid die gebaseerd was op wat ons verteld werd vanuit Mexico en elders. Af en toe bleek de informatie, die wij in artikels verwerkt hadden, niet te kloppen. Deels omdat we het zelf niet uitgezocht en geverifieerd hadden, deels omdat we onze eigen politieke ideeën opzij schoven, en deels omdat we gedesinformeerd werden door de mensen of groep in kwestie.
Gedurende het eerste jaar van ons bestaan werkten we samen met Pablo, een Mexicaan, die ons in contact bracht met "Carlos". Beiden waren lid van Resistencia Mexicana, de laatste gaf zich tevens uit als vertegenwoordiger van een organisatie genaamd Movimiento Democrático Independiente (MDI, Onafhankelijke Democratische Beweging). Aan het eind van 1994 bleek die MDI een spookorganisatie te zijn. De MDI bestond niet in Mexico. Het MDI en dus Resistencia Mexicana was niets anders dan een Europese façade voor de PROCUP-PdlP, een schimmige marxistisch-leninistisch stadsguerrilla-organisatie uit Mexico, die door veel Mexicanen wordt gezien als een marionet van de Mexicaanse geheime diensten. Hoewel enkelen van ons twijfels hadden over specifieke informatie die we hadden gekregen van "Carlos", hadden we hem daar nooit werkelijk op aangesproken. Toen we ontdekten wat zijn werkelijke politieke agenda was, hebben we alle contacten met hem en zijn Amsterdamse kameraad verbroken. Een gebrek aan betrouwbare informatie uit andere bronnen, en onze eigen naïviteit en onkritische houding hadden er toe geleid dat we bijna een jaar lang met iemand hadden samengewerkt wiens politieke ideeën volstrekt tegengesteld waren met de onze.

Kritiek opzij schuiven?
Een ander voorbeeld van hoe enkelen van ons hun kritiek terzijde schoven vond plaats in augustus-september 1995, toen we deelnamen aan de organisatie van het internationale Zapatista-referendum (3) waartoe het EZLN had opgeroepen. Een deel van de mensen in onze groep vond de vragen, zoals die in het referendum werden gesteld, volstrekt absurd, vaag of irrelevant. Maar desondanks stuurden we de referendum formulieren naar Mexicanen in Nederland, en een vertaalde versie naar de abonnee's van ons tijdschrift en onze geestverwanten. Het was een volstrekt idiote situatie, omdat de meerderheid van het Komitee vond het referendum flauwekul was en er zelf niet eens aan deelnam. Waarom zou je iets organiseren waar je het nut niet van inziet? We handelden op dezelfde manier zoals veel `militanten' doen: we schoven onze gevoelens, twijfels en kritiek terzijde ten bate van het hogere doel. Achteraf realiseerden een aantal van ons dat we een grote fout hadden gemaakt. Dat waren enkele van de fouten waar we van geleerd hebben. Maar wees gerust, we maakten er meer.
Vrij vroeg al bekritiseerden wij de wijze waarop het EZLN omging met Mexicaans oud-links (inclusief de centrumlinkse Partij van de Democratisch Revolutie [PRD], de trotskistische Revolutionaire Arbeiders Partij [PRT] en andere). De ene dag verwierp het EZLN hen, om hen de volgende dag te omhelzen (zoals het geflirt met PRD-leiders als Cuauthémoc Cárdenas en Manuel López Obrador). Hetzelfde geldt voor het ontstaan van de civiele tak van het EZLN, het Zapatista Front voor Nationale Bevrijding (FZLN). Al in april 1996, vier maanden na zijn ontstaan, publiceerden wij een artikel over deze derde poging van de Zapatistas om een netwerk van sympathiserende Mexicaanse burgers van de grond te krijgen (4) . De vraagtekens die tijdens het schrijven van dat artikel rezen, zoals: dat wij de indruk hadden dat het FZLN overspoeld werd door mensen afkomstig uit oud-links, die op deze wijze trachtten het terrein dat ze verloren hadden in de Mexicaanse politieke arena, weer terug te winnen op de golf van populariteit van het EZLN, werden bevestigd tijdens een bezoek van één ondergetekende aan het FZLN-hoofdkwartier in Mexico-Stad (5) . Vele voormalige militanten van de reeds opgeheven Trotskistische partij PRT, bleken sleutelposities te bekleden binnen het FZLN (6) . Tot op het moment van het afronden van dit schrijven (mei 1998) heeft het FZLN nog steeds niet besloten of het, onder bepaalde omstandigheden, allianties zal aangaan met politieke partijen (zoals met de al eerder genoemde PRD) of dat het de verovering van de macht als politiek doel verwerpt.
Ons ongenoegen groeide en groeide. In november 1996 bezochten Javier Elorriaga en zijn levensgezellin Gloria Benavides (twee voormalige politieke gevangenen, die in februari 1995 waren opgepakt als vermeende Zapatista-leiders) de stad Parijs (Frankrijk). Ze kwamen daar als vertegenwoordigers van het FZLN en als officieel benoemde afgevaardigden van het EZLN. Ze werden uitgenodigd door de crème de la crème van de gevestigde Franse centrum-linkse politieke partijen, vakbonden en culturele elites. Ze brachten een bezoek aan Mitterands voormalige topadviseur Régis Debray, kletsten met Mitterands weduwe Danielle en bezochten de `socialistische' burgemeester van de stad Montreuil. Diezelfde burgemeester had enige weken daarvoor de politie bevel gegeven om enige kraakpanden waarin sans papiers (`illegale' migranten die niet over de vereiste verblijfsvergunning beschikken) woonden, te ontruimen. Dat ging gepaard met de gebruikelijke dosis geweld. Toen dan deze sans papiers binnendrongen bij een ontmoeting tussen deze twee EZLN/FZLN-vertegenwoordigers en de Franse radical chique, in het beroemde Odéon-theater, waren deze twee vertegenwoordigers niet geïnteresseerd in een gesprek met deze gezichts- en stemlozen uit Frankrijk. Dit tragische spektakel leidde tot een splitsing in het Parijse solidariteitskomitee. Buiten Parijs werd het conflict niet serieus genomen. Vrijwel niemand uitte zich over dit wangedrag van de EZLN/FZLN-vertegenwoordigers. Noch reageerde het EZLN op welke wijze dan ook op hetgene voorgevallen was in Parijs. Dat was structureel beleid van het EZLN geworden.
Het EZLN accepteerde en accepteert zonder gewetensvroeging alle hulp, zolang die niet van de Mexicaanse regering komt. In het voorjaar van 1996 ontvingen zij Danielle Mitterand, temidden van een door henzelf geënsceneerd mediaspektakel, in hun hoofd-kwartier in het dorp La Realidad. Gedurende de Intercontinentale Bijeenkomst voor de Mensheid en tegen het Neoliberalisme in juli-augustus 1996 hadden ze Alain Touraine als één van hun eregasten. Touraine, een Frans socioloog, had in de maanden daarvoor de spontane stakingsgolf die Parijs en Frankrijk lamlegde in december 1995 sterk veroordeeld. Na felle protesten van de kant van een deel van de Franse en Duitse deelnemers, tegen Touraine's aanwezigheid, antwoordde Marcos dat de bedoeling van de bijeenkomst was om met iedereen, "zelfs met onze vijanden, zoals wij ook met onze vijand [de Mexicaanse regering], te discussiëren over het neo-liberalisme, en de wijze waarop dat bestreden kan worden". De Fransen haalden bakzeil omdat ze het onderling niet met elkaar eens konden worden om tot een openlijke bekritisering van Marcos en het EZLN te komen tijdens de Bijeenkomst. Sommige Fransen gingen zelfs zover te stellen dat er geen kritiek geuit moest worden "om het imago van Frankrijk en de Franse solidariteitsgroepen niet te schaden" (sic). Maar ook de Duitse groepen die kritiek hadden gehad op het optreden van het EZLN haalden bakzeil, omdat de Fransen niet bij hun aanvankelijke kritiek bleven. De kritiek die het EZLN normaal gesproken richt aan het adres van Mexicaans oud-links, bleef en blijft achterwege wanneer het buitenlandse oud-linksen of sympathiserende pseudo-linksen betreft.
Het zelfde patroon valt waar te nemen in de contacten van het EZLN met de `hervormde' Italiaanse communistisch partij Rifundazione Comunista. Het EZLN accepteerde een hulpproject, dat werd betaald door het Venetiaanse gemeentebestuur waarin de Rifundazione Comunista een sleutelpositie bekleed, voor de electrificatie van het Zapatista-dorp La Realidad. Wij kunnen dat alleen maar zien als een selectieve acceptatie van autoritair gedachtengoed en politieke partijen. Deze selectiviteit is ongetwijfeld het resultaat van een opportunistische omgang met hulpaanbiedingen, die de Zapatista-achterban nodig heeft om in bepaalde delen van Chiapas te kunnen overleven.

Voortschrijdende bureaucratisering in Europa
Maar weer eens terug naar Europa. In de zomer van 1997 vond de Tweede Intercontinentale Bijeenkomst voor de Mensheid en tegen het Neoliberalisme plaats in Spanje. Ook hier zou weer veel kritiek op de organisatie komen. Al tijdens de voorbereidende besprekingen bleek dat een kleine groep van apparatchiks [bureaucraten], met name uit Zaragoza en Madrid, hun concept van de Bijeenkomst (dat een bijna identieke kopie was van de Eerste Bijeenkomst in 1996) doordrukten. Groepen met een kritischer visie en andere ideeën kregen niet de ruimte om hun ideeën te spuien, maar vreemd genoeg lieten de meeste van die kritische groepen uiteindelijk hun kritiek vallen en namen toch deel aan de Bijeenkomst. Deze Bijeenkomst leed onder de zelfde bizarre show van accreditatie (aanmeldingsprocedures) en ausweis-achtige identificatie-papieren, zoals die tijdens de Eerste Bijeenkomst verplicht waren. De twee Zapatista-deelne(e)m(st)ers, die aanwezig waren, werden vrijwel compleet afgeschermd van de andere deelne(e)m(st)ers, alsof ze een bezoekend staatshoofd waren die beschermd dienden te worden door bodyguards. Opnieuw gedroegen de organisatoren zich als dictators en werden vrijwilligers, die waren gekomen om te helpen bij de voorbereidingen, behandeld als onmondige werklui. Een ieder die het waagde om kritiek te uiten op de wijze waarop dingen georganiseerd waren, kon verwachtten te worden behandeld alsof hij/zij een spion was die erop uit was de Bijeenkomst te saboteren.
Meer en meer wordt het Europese netwerk een nog bureaucratischer georganiseerde humanitaire hulporganisatie, die alles zal doen voor het hogere doel. Het negeert het bestaan van een telkens machtiger Europese Unie-moloch die niet-Europeanen buitensluit uit zijn territorium, die meer en meer samenwerkt op militair en binnenlandse veiligheid gebied, en dat een enorm economisch bolwerk creëert waarin mensen alleen meetellen wanneer ze de rol aannemen van produktie genererende loonslaven. Het eerste speerpunt van het Europese netwerk is het druk uitoefenen op de Europese Unie en het Europese Parlement, opdat die het verdrag op voorkeursbehandeling tussen de EU en Mexico niet zullen aannemen. Het andere speerpunt is het druk uitoefenen op de Verenigde Naties om in Chiapas te interveniëren (ofwel als bemiddelaar, dan wel als mensenrechtenwaarnemer). Zowel de Europese Unie als de Verenigde Naties zijn instrumenten in handen van de regeringen van deze wereld, en wij zien dan ook geen reden hen om gunsten te vragen. Hen om gunsten vragen betekent impliciet dat je hun autoriteit en bestaan aanvaardt. Wij accepteren dat niet, noch zullen we dat ooit doen. Het zelfde geldt voor het vragen aan burgemeesters en gemeentebesturen/gemeenteraden om petities te onder-tekenen tegen de mensenrechtenschendingen in Mexico. Het solidariteitswerk dat in Europa wordt uitgevoerd, lijkt te zijn beperkt tot het praten over mensenrechten. Misschien zouden ze zich maar bij Amnesty International moeten aansluiten. Amnesty doet over het algemeen goed werk, maar heeft zich altijd onthouden van het innemen van politieke standpunten, of het ter discussie stellen van de legitimiteit van welk politiek systeem dan ook. Dat is waar de op mensenrechten gerichte activiteiten van het Europese solidariteitsnetwerk op dit moment op lijken.

De betere momenten en mensen
Misschien heb je nu de indruk gekregen dat ons werk alleen maar verschrikkelijk en desillusionerend is geweest. Dat is uiteraard niet het geval. We hebben een enorme hoeveelheid mooie, kritische, intelligente, warme, strijdbare en humorvolle mensen uit alle delen van de wereld leren kennen. Die alle op hun eigen speciale manier getracht hebben te denken en te handelen. Samenwerkend met hen hebben we ontdekt dat er vele vormen van solidariteitswerk mogelijk zijn. Een voorbeeld van een meer wederzijdse, hoewel niet perfecte, vorm van solidariteit waaraan wij deel hebben genomen was een project dat in 1997 en 1998 zijn beslag heeft gevonden. Het is voornamelijk gerealiseerd door kritische groepen en individuen uit Frankrijk, België, Spanje en Nederland. Het oorspronkelijke idee werd bedacht door een aantal werklozen die bekend waren met de wereld van vissersboten en dokwerkers in de steden Rouen en Le Havre (Frankrijk). Het idee werd gelanceerd op de Europese Bijeenkomst in Berlijn in 1996. Het uiteindelijke doel was om met een zeilboot van Europa naar Mexico te varen en onderweg en in Mexico direct contact te leggen met actiegroepen en sociale bewegingen. Het idee was om wederzijds ervaringen uit te wisselen over de strijd zoals die hier en daar plaatsvindt. De wederzijdse uitwisseling van ideeën en ervaringen zou de plaats moeten gaan innemen van het ingebakken mechanisme van eenrichtingverkeer dat zo vaak solidariteitswerk (en ook veelal het solidariteitswerk met de Zapatistas) karakteriseert. In maart 1997 vertrok de Franse boot Le Rêve d'Absolu uit de haven van Marseille en bereikte twee maanden later de kust van Oaxaca (de deelstaat ten Noordwesten van Chiapas). Er werden contacten gelegd met diverse basisdemocratische bewegingen in Mexico-Stad, Oaxaca en Chiapas. Hoewel de communicatie tussen de bootslui en ons in Europa nogal eens te wensen overliet, ontvingen we interessante brieven van de bootslui (7). Helaas is het idee dat er nog meer bootreizen zouden volgen, waarna de aangeknoopte contacten verder uitgediept zouden kunnen worden, tot op heden niet gerealiseerd, en ziet het erook niet naar uit dat dit nog zal gebeuren.
Hoewel we sinds maart 1998 de activiteiten van het Solidariteitskomitee Mexico hebben opgeschort, houden enkele leden zich nog steeds op de hoogte van de ontwikkelingen in Chiapas en Mexico. Tot 1 juli 1999 heeft één lid maandelijks updates van nieuws op onze website (http://www.dds.nl/~noticias/prensa/zapata) gezet en tevens de gratis verzending van dat nieuws (in het Nederlands) aan abonnees via email gecontinueerd. Het is mogelijk dat er nog een brochure het licht ziet over de ontwikkelingen in Chiapas en Mexico. Er blijven toch nog steeds mensen geïnteresseerd in wat er in Mexico gebeurt, hoe weinig het er ook mogen wezen. Één van ons zal contact blijven houden met andere autonome groepen binnen het Europese netwerk met als doel het ontwikkelen van solidariteitscampagnes met de Zapatistische achterban, zonder gebruik te hoeven maken van institutionele kanalen.
Onze archieven, die een grote hoeveelheid gedrukt en e-mailmateriaal bevatten over Mexico, Chiapas en de Zapatistas blijven te raadplegen (vanaf medio 2001 zal het te raadplegen zijn op het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis (Cruquiusweg 31 te Amsterdam). Hetzelfde geldt voor ons uitgebreide videoarchief, waarvan een lijst is in te zijn op onze website en in ons archief. We vragen niet langer meer om financiële bijdragen aangezien we op dit moment niet meer weten welk project we met dat geld zouden moeten ondersteunen. Ik zou een ieder die op zijn of haar wijze onze activiteiten heeft ondersteund willen bedanken voor hun/haar hulp.

Jeroen
Amsterdam, mei 1999

P.S. Een aantal andere punten over deze zelfde materie die ik niet heb aangeroerd in mijn artikel, worden mijns inziens voldoende toegelicht in Els' artikel, eerder in deze Nieuwsbrief (onder andere over de ons opgedrongen `kaderfunctie' door zowel EZLN als geïnteresseerden in Nederland).
-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
1 Letters and communiques from the Zapatista Army for National Liberation (EZLN), zie rubriek Nieuwe    Boeken over Mexico
2 Zie ZAPATA, Mexico Nieuwsbrief Nr. 11/12, pag. 3-10
3 Zie ZAPATA Mexico Nieuwsbrief Nr. 6/7, pag. 2-6 en Nr. 8, pag. 13-14
4 Zie ZAPATA Mexico Nieuwsbrief Nr. 9/10, pag. 13-14
5 Ik schreef een uitgebreid reisverslag over die reis, dat in 1997 gebundeld werd uitgegeven . Veel van de    huidige kritiekpunten zijn ook al in die brievenbundel te vinden. De brochure, (On)weersberichten uit    Mexico. Brieven uit een roerig Mexico, juni-juli-augustus 1996 is nog steeds verkrijgbaar.
6 Zie ZAPATA Mexico Nieuwsbrief Nr. 11/12, pag. 28-30 en Nr. 14 pag. 11-14
7 Zie ZAPATA, Mexico Nieuwsbrief Nr. 14, pag. 25-32
| terug naar laatste nummers (archief)| | terug naar inhoud alle nummers (archief)|


| presentación | | introduction |
| geschiedenis | | historia | | verwachtingen |
| erwartungen | | solidair | | solidarity | | solidarität | | solidaridad |

| zapata | | archief | | nieuws | | links | | mail | | zoek | | index |